Wat als je de regelgeving ruimtelijke ordening niet naleeft?

Als je de regelgeving niet naleeft, kan dat opgemerkt worden door een daartoe bevoegde gemeentelijke of gewestelijke verbalisant of de politie. Ook een burger kan dit signaleren, zodat de bevoegde instantie ter plaatse kan komen om vaststellingen te doen.

Afhankelijk van de aard van de feiten kan je (preventief) een raadgeving ontvangen om een toekomstige schending te voorkomen of (reactief) een aanmaning krijgen om een schending te beëindigen en de gevolgen ongedaan te maken. 

Het doel van handhaving is in de eerste plaats het behoud of herstel van de goede ruimtelijke ordening. Indien dit op een eenvoudige wijze en buiten de gerechtelijke weg om kan gerealiseerd worden, verdient deze aanpak de voorkeur.  

Raadgeving

Wanneer wordt vastgesteld dat een inbreuk of misdrijf dreigt gepleegd te worden, kan een raadgeving worden gegeven. De raadgeving is zuiver preventief omdat er immers nog geen schending is. 

Aanmaning

Als er reeds een inbreuk of misdrijf werd gepleegd, worden de overtreders en alle andere betrokkenen aangemaand om de schending ongedaan te maken. Bij voorkeur gebeurt de aanmaning schriftelijk. De aanmaning wordt opgenomen in het vergunningenregister. Indien de aanmaning zonder gevolg blijft, zal er een proces-verbaal (bouwmisdrijf) of verslag van vaststelling (bouwinbreuk) worden opgesteld. 

Stakingsbevel

In bepaalde gevallen volstaat de aanmaning niet om de goed ruimtelijke ordening te beschermen of dreigt er grotere schade. Op dat ogenblik kan een stakingsbevel worden gegeven. De verbalisant kan echter slechts de staking bevelen van bouwschendingen die betrekking hebben op de vergunningsplicht. Het doorbreken van het stakingsbevel is een apart misdrijf en kan bovendien gesanctioneerd worden met een bestuurlijke geldboete. De opheffing van het stakingsbevel kan gevorderd worden bij de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg. 

Na het vaststellen van een bouw-inbreuk of een bouwmisdrijf, kan respectievelijk een verslag van vaststelling of een proces-verbaal worden opgemaakt. Gelijktijdig kan ook een besluit genomen worden om bestuurlijke maatregelen op te leggen gericht op herstel.
Een proces-verbaal kan ten slotte leiden tot een strafrechtelijke sanctie of tot het opleggen van een bestuurlijke geldboete. Een verslag van vaststelling kan leiden tot het opleggen van een bestuurlijke geldboete.

Bestuurlijke handhaving

Bestuurlijke handhaving betekent dat een dossier niet strafrechtelijk door gerechtelijke instanties wordt afgehandeld, maar wel bestuurlijk door de overheid wordt behandeld. Bestuurlijke handhaving kan de vorm aannemen van:

Bestuurlijke maatregelen

Een bestuurlijke maatregel is gericht op het herstel van de goede ruimtelijke ordening en kan meerdere vormen aannemen. De maatregel kan door zowel de burgemeester als de stedenbouwkundig inspecteur worden genomen. 

Bestuursdwang

De burgemeester of stedenbouwkundig inspecteur beveelt het herstel binnen een bepaalde termijn. Indien hier geen gevolg wordt aan gegeven, zal de overheid het herstel zelf uitvoeren. Het bevolen herstel kan bestaan uit (een combinatie van):

  • het betalen van een meerwaarde
  • het uitvoeren van aanpassingswerken
  • het herstel in de oorspronkelijke toestand

Vooraf wordt de overtreder gehoord en kan hij een verweer voeren. Het besluit waarmee de bestuursdwang wordt opgelegd wordt aan de overtreders(s) en alle zakelijke rechthebbenden betekend. Als er geen gevolg wordt gegeven aan het bevel wordt er een deurwaarder aangesteld die tot de uitvoering ervan zal overgaan. 
De overtreder kan binnen de 30 dagen na de betekening van het besluit beroep aantekenen bij de minister van omgeving, die de Vlaamse regering vertegenwoordigd. Het beroep schorst de maatregel. Binnen een termijn van 90 dagen (eenmalig verlengbaar) neemt de minister een besluit. Bij gebrek aan een tijdige beslissing vervalt de bestuurlijke maatregel

Last onder dwangsom

De burgemeester of stedenbouwkundig inspecteur beveelt het herstel binnen een bepaalde termijn. Indien hier geen gevolg wordt aan gegeven, zal er een dwangsom betaald moeten worden. Het bevolen herstel kan bestaan uit:

  • het uitvoeren van aanpassingswerken (+ betalen van een meerwaarde)
  • het herstel in de oorspronkelijke toestand (+ betalen van een meerwaarde)

Vooraf wordt de overtreder gehoord en kan hij een verweer voeren. Het besluit waarmee de bestuursdwang wordt opgelegd wordt aan de overtreders(s) en alle zakelijke rechthebbenden betekend. Als er geen gevolg wordt gegeven aan het bevel is er per dag of per overtreding een dwangsom verschuldigd. 

Bestuurlijke geldboetes

Een bestuurlijke geldboete is een sanctie waarbij je als overtreder verplicht wordt om een geldsom te betalen. 

Strafrechtelijke handhaving

In het geval van een bouwmisdrijf kan het parket al dan niet op eigen initiatief de overtreder dagvaarden voor de rechtbank, die een gevangenisstraf en/of strafrechtelijke geldboete kan uitspreken. De stedenbouwkundig inspecteur en de burgemeester kunnen de overtreder eveneens door het parket laten dagvaarden nadat er een positief advies werd verleend door de Hoge Raad voor het Handhavingsuitvoering. De rechter kan bovendien ook ambtshalve een herstel bevelen.     

Om de goede ruimtelijke ordening te handhaven kunnen de procureur des Konings, de stedenbouwkundig inspecteur en de burgemeester herstelmaatregelen vorderen bij de rechter, die ook ambtshalve het herstel kan bevelen. Zowel bouwinbreuken als bouwmisdrijven komen hiervoor in aanmerking. Het herstel wordt bevolen door de correctionele of burgerlijke rechtbank. 
De stedenbouwkundig inspecteur en de burgemeester zullen vooraf eerst een positief advies van de Hoge Raad voor de Handhavingsuitvoering moeten krijgen.
Als het gevolg van de schending kennelijk verenigbaar is met de goede ruimtelijke ordening zal een meerwaarde gevorderd worden. In de andere gevallen eist men aanpassingswerken of het herstel in de oorspronkelijke staat, al dan niet gecombineerd met het betalen van en meerwaarde. 
Naast de uitvoering van de door de rechter bevolen herstelmaatregel de schending ongedaan worden gemaakt door het verkrijgen en uitvoeren van een regularisatievergunning. 

Burgerrechtelijke handhaving

In het geval van een bouwovertreding kan de stedenbouwkundig inspecteur en de burgemeester de overtreder dagvaarden voor de burgerlijke rechtbank nadat er een positief advies werd verleend door de Hoge Raad voor het Handhavingsuitvoering. 

Om de goede ruimtelijke ordening te handhaven kunnen de procureur des Konings, de stedenbouwkundig inspecteur en de burgemeester herstelmaatregelen vorderen bij de rechter, die ook ambtshalve het herstel kan bevelen. Zowel bouwinbreuken als bouwmisdrijven komen hiervoor in aanmerking. Het herstel wordt bevolen door de correctionele of burgerlijke rechtbank. 
De stedenbouwkundig inspecteur en de burgemeester zullen vooraf eerst een positief advies van de Hoge Raad voor de Handhavingsuitvoering moeten krijgen.
Als het gevolg van de schending kennelijk verenigbaar is met de goede ruimtelijke ordening zal een meerwaarde gevorderd worden. In de andere gevallen eist men aanpassingswerken of het herstel in de oorspronkelijke staat, al dan niet gecombineerd met het betalen van en meerwaarde. 
Naast de uitvoering van de door de rechter bevolen herstelmaatregel de schending ongedaan worden gemaakt door het verkrijgen en uitvoeren van een regularisatievergunning. 

Minnelijke schikking

De stedenbouwkundig inspecteur of de burgemeester kan in elke stand van de procedure op verzoek van de overtreder of belanghebbende steeds een minnelijke schikking afsluiten. Alle zakelijke rechthebbenden moeten zich hiertoe verplichten. Indien het herstel niet wordt uitgevoerd, kan er een bestuurlijke maatregel opgelegd worden. 

Verjaring niet-herbetekende gerechtelijke uitspraken

Sinds 2018 voert de afdeling Handhaving van het departement Omgeving een screening uit van alle gerechtelijke uitspraken die dreigen te verjaren in stedenbouwdossiers waarin een herstelmaatregel werd opgelegd. Afhankelijk van het type uitspraak treedt de verjaring op 10 jaar na de uitspraak (strafrechtelijke procedure) of 10 jaar na de betekening van de uitspraak (burgerlijke procedure).

Enkel in dossiers die nog steeds een voldoende ruimtelijke impact hebben, wordt opnieuw herbetekend. Hierdoor wordt de verjaringstermijn gestuit en begint deze opnieuw te lopen. Bij gebrek aan een tijdige herbetekening verjaart de uitspraak en de opgelegde herstelmaatregel. De afdeling Handhaving zal de uitvoering van de opgelegde herstelmaatregel dan niet langer kunnen afdwingen. Dit heeft geenszins tot gevolg dat de situatie gelegaliseerd is.

Veroordeelden wiens gerechtelijke uitspraak verjaart omdat de uitspraak niet meer wordt herbetekend, worden hiervan niet individueel op de hoogte gebracht. Indien zij niet binnen de termijn van 10 jaar een nieuwe betekening hebben gekregen, mogen zij ervan uitgaan dat de afdeling Handhaving het dossier heeft afgesloten.

Contacteer ons
Afdeling Handhaving