Wat als je de erfgoedregelgeving niet naleeft?

Wie zich niet houdt aan de regels wat betreft onroerend of varend erfoed kan zowel gerechtelijk, als bestuurlijk bestraft worden.

Afhankelijk van de aard en de impact van de feiten kan je voorafgaand (preventief) een raadgeving ontvangen om een toekomstige schending te voorkomen, of (reactief) een aanmaning krijgen om een schending te beëindigen en de gevolgen ongedaan te maken.

Strafrechtelijke sanctie

Indien de overtreder echter niet aan zijn proefstuk toe is, alsook in functie van de aard en de impact van het erfgoedmisdrijf of de erfgoedinbreuk, kan er onmiddellijk een proces-verbaal of een verslag van vaststelling worden opgemaakt. 

Een proces-verbaal kan leiden tot ofwel een strafrechtelijke sanctie waarbij de strafrechter het gevorderde integraal herstel en de betaling van een schadevergoeding kan bevelen, ofwel tot het opleggen van een alternatieve bestuurlijke geldboete.

Indien het Openbaar Ministerie het strafdossier echter seponeert waardoor het inleiden van een herstelvordering voor de strafrechter uitgesloten wordt, beschikt de erfgoedinspecteur steeds over de mogelijkheid om het integraal herstel voor de burgerlijke rechtbank te vorderen, alsook om voorlopige instandhoudingswerken op straffe van dwangsom via de voorzitter van de rechtbank van 1ste aanleg te laten bevelen. 

Een verslag van vaststelling kan leiden tot het opleggen van een exclusieve bestuurlijke geldboete. 

Bestuurlijke maatregelen:

Met het oog op het herstel van de erfgoedschade kan de erfgoedinspecteur een bestuurlijke maatregel opleggen onder de vorm van:

  • een stakingsbevel: dit is een preventieve maatregel die gericht is op het voorkomen van erfgoedmisdrijven, erfgoedinbreuken, of schade aan erfgoed
  • bestuursdwang: dit is een maatregel die strekt tot voorlopige instandhoudingswerken en/of het feitelijk herstel in een originele goede staat of de gehele of gedeeltelijke reconstructie
  • last onder dwangsom: dit is een besluit waarbij aan de overtreder de verplichting tot het uitvoeren van voorlopige instandhoudingswerken, tot feitelijk herstel of tot reconstructie wordt opgelegd die gekoppeld wordt aan een dwangsom.

Minnelijke schikking:

Onder bepaalde omstandigheden kan de erfgoedinspecteur een minnelijke schikking aangaan met de overtreder of andere belanghebbende om indien nodig gefaseerd en binnen een termijn van maximaal 8 jaar tot feitelijk herstel van de erfgoedschade te komen.
 

Contacteer ons
Afdeling Handhaving