Waarborgregeling voor aardwarmteprojecten

Het geologisch risico ondervangen

Vlaanderen beschikt vermoedelijk over een belangrijk potentieel voor diepe aardwarmte, maar de kennis over de stromingseigenschappen van de diepe lagen is vandaag beperkt, waardoor het investeringsrisico voor diepeaardwarmteprojecten relatief hoog is. Om investeringen in deze duurzame energiebron aan te moedigen kan de Vlaamse Regering een gewestwaarborg verlenen aan aardwarmteprojecten in de diepe ondergrond om het korte termijn geologisch risico af te dekken. Blijkt na het uitvoeren van de boring en testen dat het verwacht thermisch vermogen niet gehaald wordt, kunnen bepaalde kosten terugbetaald worden.

Investeerders die gebruik willen maken van de waarborgregeling dienen een geologisch onderzoek, een projectplan en een begroting op te maken die gevalideerd worden door het departement Omgeving voor aanvang van de boring(en). Na de boringen en testen wordt gecontroleerd of de doelstelling behaald werd. Om gebruik te kunnen maken van de waarborgregeling dient de aanvrager een premie te betalen. Op die manier dragen de bedrijven zelf bij aan het systeem. 

Krachtlijnen van de waarborgregeling

  • Enkel houders van een opsporings-of winningsvergunning voor aardwarmte kunnen een aanvraag voor een gewestwaarborg indienen.
  • Om beroep te doen op de waarborgregeling dient de aanvrager onder het toepassingsgebied te vallen en een premie van 7% van het maximale uitkeringsbedrag te betalen.
  • De waarborg bedraagt maximaal 18,7 miljoen euro per onderneming per investeringsproject, en mag nooit meer dan 85% van de kosten bedragen die in aanmerking komen. De aanvrager dient ten minste 5% van het risico zelf te dragen.
  • De regeling dekt enkel het geologisch risico dat samenhangt met de werkelijke waarde van specifieke aquiferparameters (dikte, permeabiliteit, diepte, saliniteit en geothermische gradiënt). Het risico op bijvoorbeeld technische complicaties tijdens het boren, het meeproduceren van olie of gas, of het risico op seismiciteit zijn niet verzekerd.
  • De aanvrager dient het verwacht thermisch vermogen vooraf te laten valideren. Hiervoor maakt hij een Geologisch Onderzoek op waarin op een vastgelegde wijze een P90-vermogenswaarde berekend en onderbouwd wordt. Hij moet aantonen dat deze waarde berust op de huidige geologische inzichten en dat deze correct vertaald worden in de ter beschikking gestelde software DoubletCalc.
  • De minimale vereisten in verband met het opstellen van het Geologisch Onderzoek, de berekening van het verwacht vermogen, de uitvoering en interpretatie van puttesten en de rapportages worden gegeven in de richtlijnen en modellen op de website van het departement.

Het indienen van een aanvraag 

  • De aanvrager dient een ingevuld Aanvraagformulier, een Geologisch Onderzoek, een Projectplan en een Projectbegroting in. De formulieren, modellen en richtlijnen, evenals de nodige software voor de berekening van het verwacht vermogen, zijn beschikbaar op de website van het departement.
  • Het departement Omgeving beslist na 15 dagen over de volledigheid van de aanvraag. Indien er stukken ontbreken kan de aanvrager gedurende dertig dagen bijkomende stukken bezorgen. Op verzoek kan die termijn tweemaal worden verlengd met telkens 30 dagen.
  • Zestig dagen na ontvangst van de volledige aanvraag stelt het departement een advies op voor de minister bevoegd voor natuurlijke rijkdommen en de minister bevoegd voor het energiebeleid. 
  • Vervolgens zullen de ministers binnen de 90 dagen na ontvangst van de aanvraag een beslissing opstellen, waarvan de aanvrager op de hoogte wordt gebracht. 
  • Bij goedkeuring van de aanvraag dient de aanvrager binnen 15 dagen na de ministeriële beslissing de premie te betalen.

Vaststelling en Resultaatsverbintenis

De puttesten moeten worden uitgevoerd binnen acht weken nadat de boring beëindigd is. Die termijn kan op gemotiveerd verzoek van de waarborghouder eenmaal worden verlengd met acht weken. De waarborgontvanger deelt na de puttest(en) aan het departement mee of hij al dan niet verbeter- of alternatiefwerkzaamheden zal uitvoeren en of hij al dan niet een beter renderend alternatief gebruik van de put of putten zal toepassen. Binnen acht weken na de puttest bezorgt de waarborgontvanger de resultaten ervan aan het departement.
Om aanspraak te kunnen maken op een uitkering uit de waarborgregeling dient de uitvoerder, middels een claimscenario, een zo nauwkeurig mogelijke berekening van het gerealiseerde vermogen aan te leveren. De uitvoering van een puttest is daarvoor een vereiste en verplichting. Het resultaat hiervan is leidend in de beoordeling van een eventuele vaststellingsaanvraag.
De puttest dient op een dusdanige manier te worden uitgevoerd en geïnterpreteerd, dat een eenduidige en reproduceerbare kwantificering van de transmissiviteit, en daaruit afgeleid, de permeabiliteit van de beoogde aquifer kan worden gemaakt. Daarnaast dient de mechanische skin, die gekoppeld is aan de transmissiviteit, eenduidig te worden bepaald. Met behulp van overige bronnen van data-acquisitie wordt de aquiferdefinitie (top, basis, bruto- en netto dikte) en de temperatuur van het formatiewater eenduidig afgeleid. Ongeacht de aard en uitvoering van de puttest dient aan bovenstaande voldaan te worden. Dit geheel wordt de resultaatverplichting genoemd.
Het is de verantwoordelijkheid van de uitvoerder om te voldoen aan de resultaatverplichting. Indien niet aan de resultaatverplichting wordt voldaan wordt een eventuele claim geweigerd.

Het toekennen van de waarborg

Er wordt een onderscheid gemaakt tussen een waarborg verstrekt voor de boring van een eerste put of van een tweede put van een doublet.
In geval de eerste boring van een project meer dan 75 % van het verwachte vermogen realiseert, wordt vereist dat er een tweede boring volgt om aanspraak te maken op de verstrekking van de waarborg. Als de eerste boring van een doublet minder dan 50 % van het verwachte vermogen realiseert, wordt een stopuitkering verleend en wordt er geen verdere waarborg verleend voor een tweede boring.
In geval de waarborg wordt verleend voor een doublet of voor een tweede put van een doublet, wordt de waarborg verstrekt a rato van de verhouding tussen het gerealiseerd vermogen en het verwachte vermogen. 
Indien het gerealiseerd vermogen het verwachte vermogen overstijgt wordt er geen waarborg verstrekt.
Eens het project is afgerond, hetzij na de eerste boring bij een sterk tegenvallend resultaat, hetzij na de tweede boring, hetzij na eventuele verbeter- of alternatiefwerkzaamheden, dient de aanvrager een aanvraag tot vaststelling in bij het departement Omgeving. Het departement beoordeelt de aanvraag tot vaststelling en adviseert de ministers bevoegd voor het energiebeleid en natuurlijke rijkdommen inzake de waarde van de relevante parameters voor de vaststelling van de uit te keren waarborg.
Implementatie en Informatieplicht
Binnen de twaalf maanden na goedkeuring van de aanvraag dient het project aangevat te worden, éénmaal verlengbaar op vraag van de aanvrager.
Nadat de puttesten zijn uitgevoerd verstrekt de waarborgontvanger de resultaten hiervan aan het departement. De resultaten hiervan worden openbaar gemaakt door publicatie op de website van het departement. 
Het project wordt voltooid uiterlijk twaalf maanden na de start van het project. In geval van verbeter- of alternatiefwerkzaamheden wordt deze termijn verlengd met twaalf maanden. Daarnaast is het bij het boren van een doublet mogelijk om een gemotiveerd verzoek in te dienen om de termijn omwille van technische redenen te verlengen met twaalf maanden.
Het eindrapport, evenals de rapportage Geologisch Onderzoek, de rapportage(s) over puttesten en alle resultaten van onderzoeken en testen die als onderdeel van de in rekening komende kosten werden aangemerkt, worden gepubliceerd op de website van het departement Omgeving. Ook wanneer de boring(en) succesvol is (zijn), geldt de verplichting tot rapportage en openbaarmaking.
Het project dient binnen twee jaar na de voltooiing van de boringen te leiden tot de start van de toepassing van diepe aardwarmte.