Voorstellingswijze en beoordelingswijze plandoelstellingen

Beoordelingsklassen trendevolutie

 Beoordeling trend

  Gemiddelde jaarlijkse trend Kleurencode
 Gunstige evolutie ++ >5%  
 Voorzichtige positieve trend + >1% tot 5%  
 Toestand nagenoeg ongewijzigd +/- -1% tot +1%  
 Licht negatieve trend - <-1% tot -5%  
 Negatieve evolutie -- <-5%  

De gegevensreeksen starten, waar mogelijk, vanaf 1990 en gaan tot het laatste jaar waarvoor cijfers beschikbaar zijn. Indien niet kan worden teruggegaan tot 1990, wordt de langst mogelijke tijdreeks van vergelijkbare cijfers opgebouwd. Voor de cijfers zelf wordt in hoofdzaak teruggegrepen naar MIRA en NARA. In een aantal gevallen werden andere bronnen gebruikt. De redenen zijn o.a.: afstemming van de gegevens met internationale rapportering, het gebruik van een andere sectorindeling of het niet voorkomen van de indicator in MIRA/NARA.
 

Beoordeling trend

De beoordeling van de trend geschiedt op basis van een (statistische) trendanalyse en een kwantitatieve trendberekening, zodat alle indicatoren op een eenvormige en objectieve wijze worden geëvalueerd. De statistische analyse omvat het uitvoeren van een regressie op de beschikbare data. De regressies worden berekend op de volledige tijdsreeks. Het model (lineair of niet-lineair) dat de datareeks het best genereert zal vervolgens worden aangewend om de trend te kwantificeren. De trend is daarbij de gemiddelde jaarlijkse wijziging voor de beschouwde periode.

De berekende trend wordt als onbeduidend beschouwd indien hij begrepen is tussen -1% en +1%. Zowel de positieve trend als de negatieve trend worden verder onderverdeeld in twee klassen. Volgende klassengrenzen worden gehanteerd:

  • > 5%: gunstig tot zeer gunstige trend (kleurencode groen);
  • > 1% tot 5%: voorzichtig positieve trend (kleurencode lichtgroen);
  • < -1% tot -5%: licht negatieve trend (kleurencode oranje);
  • <-5%: negatieve tot zeer negatieve evolutie (kleurencode rood);

In een aantal gevallen kan de trend niet berekend worden (en wordt de notatie "n.v.t." gebruikt):

  • Er is geen (of geen betrouwbare) invulling van de indicator mogelijk;
  • De tijdreeks bij de indicator is te kort (< 4 jaar);
  • De tijdreeks is onregelmatig samengesteld (veel ontbrekende waarden, getrapte reeksen,...).

 

Beoordeling doelbereik

Indien er een kwantitatieve doelstelling is, kan het doelbereik ook kwantitatief worden bepaald. Het doelbereik wordt in dit geval berekend op basis van het laatste cijfer van de beschikbare tijdreeks. Volgende mogelijkheden doen zich voor:

Situatie Berekening doelbereik
Gewenste trend is toename en er is geen referentiejaar gespecificeerd Waarde laatste jaar % uitgedrukt t.o.v. het gestelde doel
Gewenste trend is toename ten aanzien van een referentiejaar Realisatie laatste jaar t.a.v. referentiejaar % uitgedrukt t.o.v. te realiseren doelafstand

Gewenste trend is daling en er is geen referentiejaar gespecificeerd

Realisatie laatste jaar t.a.v. eerste jaar tijdreeks % uitgedrukt t.o.v. doelafstand voor eerste jaar tijdreeks
Gewenste trend is daling ten aanzien van een referentiejaar Realisatie laatste jaar t.a.v. referentiejaar % uitgedrukt t.o.v. te realiseren doelafstand

Indien de berekening negatief uitvalt (weg van de doelstelling), wordt voor het doelbereik 0% aangegeven.