VLAREM en de CLP-verordening

Sinds  1 juni 2015 gebeurt de indeling, etikettering en verpakking van gevaarlijke stoffen enkel nog volgens de CLP-verordening. Deze Verordening nr. 1272/2008  over  de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels , de zogenaamde CLP-verordening, vervangt  de bestaande Richtlijn Gevaarlijke Stoffen (67/548/EEG) en de bestaande Richtlijn Gevaarlijke Preparaten (1999/45/EG).

In de CLP-verordening gebeurt de indeling van gevaarlijke stoffen in 28 gevarenklassen en -categorieën, die verschillen van de 8 gevarencategorieën en de indeling op basis van het vlampunt (P1, P2, P3 en P4) die de huidige basis vormen voor de indeling van de gevaarlijke stoffen in rubriek 17. Hierdoor is de indeling van gevaarlijke stoffen vanaf 1 juni 2015 volgens de huidige indelingslijst van titel I van het VLAREM niet meer mogelijk. Ook de voorwaarden van titel II van het VLAREM kunnen hierdoor niet meer zomaar toegepast worden.

Met het besluit van de Vlaamse regering van 16 mei 2014 tot wijziging van diverse besluiten inzake leefmilieu, wat betreft een aanpassing aan de evolutie van de techniek en aan de CLP-verordening, beter bekend als de VLAREM-trein 2013, worden zowel titel I als titel II van het VLAREM volledig geconformeerd met de nieuwe indelingswijze volgens de CLP-verordening. Dit besluit integreert ook de Seveso III-richtlijn, die onder meer de aanpassing van Seveso II aan de CLP-verordening beoogt. De aanpassingen aan VLAREM in het kader van dit besluit worden van toepassing op 1 juni 2015, de datum waarop voor alle gevaarlijke producten de CLP-verordening ook van toepassing wordt. De belangrijkste wijzigingen in het VLAREM zijn samengevat op de website.

Wat betekent dit nu concreet voor uw bedrijf?

Ondersteuning

Excel tool

De tool bevat een omzettingspagina voor gevaarlijke vaste stoffen en vloeistoffen en een omzettingspagina voor gassen en aerosolen. Daarnaast is er ook een voorbeeld uitgewerkt. In de tool is er bij de verschillende cellen ook uitleg opgenomen.

Vaste stoffen en vloeistoffen

De naam en het CAS-nummer van het gevaarlijke product komt in kolom A en B. In kolom C moet voor vaste stoffen en vloeistoffen de hoeveelheid in kg vermeld worden; voor vloeistoffen dient in kolom D ook de hoeveelheid in liter ingegeven te worden. Beide hoeveelheden zijn noodzakelijk omdat de nieuwe rubrieken uitgedrukt worden in kg. Zowel de huidige toepasselijke rubriek(en) als de van toepassing zijnde gevarenpictogrammen volgens CLP vervolgens per product aanduiden met een x in de toepasselijke kolom. Voor de relevante rubrieken moet u aanduiden of het product hoort bij een woonfunctie of dat de inrichting al dan niet volledig gelegen is in industriegebied.
De tabel zal dan de totalen uitrekenen en de nieuwe subrubrieken zoals van toepassing op uw inrichting in het oranje aangeven.

Gassen en aerosolen

De naam en CAS-nummer van het gevaarlijke product komt in kolom A en B. Voor gassen dient in kolom C het waterinhoudsvermogen in liter ingegeven te worden; voor aerosolen is dit de netto inhoud (de inhoud die op het recipiënt is vermeld).
Zowel de huidige toepasselijke rubriek als de van toepassing zijnde rubriek volgens CLP vervolgens per product aanduiden met een x in de toepasselijke kolom.
De tabel zal dan de totalen uitrekenen en de nieuwe subrubrieken zoals van toepassing op uw inrichting in het oranje aangeven.

Overzichtsdocument

Voor de indeling van de gevaarlijke producten wordt verwezen naar de CLP-verordening. Deze informatie wordt niet meer opgenomen in bijlage 7 van titel I van het VLAREM.
Ter informatie is er een overzichtsdocument van alle gevarenklassen en –categorieën opgemaakt met de daarbijhorende rubrieken. Deze lijst is gegroepeerd per gevarenpictogram.

Veelgestelde vragen

Nog meer informatie: