Veelgestelde vragen over buiten stoken

Heb je nog meer vragen over het verbrandingsverbod en de uitzonderingen? Neem dan contact met ons op.

Wat met de BBQ van mijn buurman/vrouw?

Buiten afspraken maken en vragen om rekening met je te houden, kan je niets doen tegen de geuren van de barbecue van je buurman/vrouw.
In zijn/haar eigen tuin mag je buurman/vrouw altijd en overal barbecueën. Doet hij/zij dat goed, dan zijn er praktisch geen vlammen en geen rook.

Wat met de afvalverbrandingsinstallaties?

In Vlaanderen zijn alle afvalverbrandingsinstallaties uitgerust met een geavanceerde rookgaszuivering. Ze verwerken tonnen restafval, maar stoten allemaal samen toch véél minder vervuilende en ongezonde stoffen uit dan open vuurtjes in de tuin. Bovendien zetten ze een groot deel van de warmte om in groene stroom. Zo gaat zelfs het restafval niet helemaal verloren.

Er worden uitzonderingen voorzien voor ‘bedrijfslandbouwkundige werkzaamheden’. Wat wordt bedoeld met ‘bedrijfslandbouwkundige werkzaamheden’?

‘Bedrijfslandbouwkundige werkzaamheden’ zijn werkzaamheden die door professionele landbouwers worden uitgevoerd. Deze uitzondering is dus niet van toepassing op particulieren of ‘hobbylandbouwers’ die in hun vrije tijd gewassen telen.

Een van de uitzonderingen is ‘als afvoer of verwerking ter plaatse van het biomassa-afval niet mogelijk is’. Hoe moet ik deze bepaling in de praktijk interpreteren?

Onder ‘afvoer’ verstaan we het afvoeren van het biomassa-afval met een oplegger of op een andere wijze vanop het veld naar een nabijgelegen weg of stuk grond van waarop verder transport kan doorgaan. Soms is afvoer echter niet mogelijk: het veld is te nat om er met tractor en oplegger over te rijden of door lokaal reliëf of hindernissen (bv. beken en hagen) is het niet mogelijk om de plaats waar het biomassa-afval ligt te bereiken. Het is aan de bevoegde toezichthouder (de milieuambtenaar van de gemeente of een politieagent) om te oordelen of afvoer niet mogelijk is.

Onder ‘verwerking ter plaatse’ verstaan we het ter plaatse stockeren of verhakselen van het biomassa-afval. Enkel wanneer er geen ruimte is om het biomassa-afval ter plaatse te stockeren, of als het technisch niet mogelijk is om met een hakselaar ter plaatse te komen, geldt dat verwerking ter plaatse niet mogelijk is.

De reglementering voorziet een uitzondering op het verbrandingsverbod als ‘dat vanuit fytosanitair oogpunt noodzakelijk is’. Wat wordt bedoeld met ‘vanuit fytosanitair oogpunt noodzakelijk’?

Het verbranden van landbouw- en fruitgewassen kan verplicht worden als die gewassen door bacterievuur zijn aangetast. Dat is vastgelegd in het KB van 23 juni 2008 over de maatregelen om het binnenbrengen en het verspreiden van bacterievuur te voorkomen. Deze uitzonderingsmogelijkheid geldt ongeacht het type landgebruik, en kan dus ingeroepen worden door particulieren, landbouwers en terreinbeheerders. Particulieren dienen in praktijk te beschikken over een schriftelijke bestrijdingsopdracht van het Federaal Agentschap voor Veiligheid van de Voedselketen om te kunnen aantonen dat het verbrande plantaardig materiaal effectief besmet was. Voor land- en tuinbouwers volstaat het om het tijdstip en de reden voor de verbranding van het besmet plantaardig materiaal bij te houden in een register, dat ter beschikking wordt gehouden van de toezichthoudende overheid.

De reglementering voorziet een uitzonderingsmogelijkheid voor de verbranding van plantaardige afvalstoffen afkomstig van het onderhoud van landschapselementen. Wat wordt bedoeld met ‘landschapselementen’, en wie kan zich op deze uitzonderingsmogelijkheid beroepen.

Het groot woordenboek der Nederlandse taal omschrijft een landschapselement als ‘een onderdeel van het landschap (bosschages, weggetjes, watertjes, enz.)’. In het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu worden ‘kleine landschapselementen’ omschreven als ‘lijn- of puntvormige elementen met inbegrip van de bijhorende vegetaties waarvan het uitzicht, de structuur of de aard al dan niet resultaat zijn van menselijk handelen, en die deel uitmaken van de natuur zoals : bermen, bomen, bronnen, dijken, graften, houtkanten, hagen, holle wegen, hoogstamboomgaarden, perceelsrandbegroeiingen, sloten, struwelen, poelen, veedrinkputten en waterlopen’.

Wat wordt bedoeld met ‘droog onbehandeld hout’?

Met ‘droog’ hout wordt hout bedoeld dat al enige tijd te drogen is gelegd. Dus zeker geen vers snoeihout of hout van omgezaagde bomen. In de regel moet hout minstens één en bij voorkeur twee jaar luchtdroog bewaard worden voor het als droog kan beschouwd worden.

Met ‘onbehandeld’ hout wordt hout bedoeld dat niet met chemische producten zoals verf, vernis, oliën en impregneermiddelen is behandeld. Ook samengesteld hout, zoals triplex en vezelplaten, bevat lijm en andere kunststoffen, en wordt dus niet beschouwd als onbehandeld hout.

Wat wordt bedoeld met ‘een kampvuur’?

Een ‘kampvuur’ wordt in het groot woordenboek der Nederlandse taal omschreven als ‘hout­vuur dat men aan­legt, bv. aan het ein­de van een jeugd­kamp of tij­dens een feest, en waar­om­heen men gaat zit­ten om te eten, met el­kaar te pra­ten, el­kaar ver­ha­len te ver­tel­len of sa­men te zin­gen’. De uitzonderingsmogelijkheid geldt dus enkel voor vuren die worden aangelegd door particulieren of verenigingen omwille van de gezelligheid en het groepsgebeuren. Zo’n vuur kan echter niet tot doel hebben om zich te ontdoen van snoeihout en houtafval allerhande, want dan gaat het over afvalverwijdering en is de activiteit milieuvergunningsplichtig. In een kampvuur mag enkel droog onbehandeld hout opgebrand worden.

Wat wordt bedoeld met ‘folkloristische evenementen’?

Dat zijn evenementen met een lokale traditie en verankering, zoals kerstboomverbrandingen en Sint-Maartens-vuren. Belangrijk is dat de lokale overheid haar toestemming geeft aan deze evenementen en het bijhorende vuur. Behalve bij kerstboomverbrandingen (waar nog vochtige kerstbomen gezamenlijk worden verbrand) mag enkel droog onbehandeld hout worden verbrand. Het is dus niet toegelaten om tijdens dergelijke evenementen vers snoeihout of ander niet-gedroogd hout te verbranden. De organisatoren van het evenement moeten ervoor zorgen dat droog, onbehandeld hout beschikbaar is om het vuur aan te steken en te voeden.

Waar kan ik als landbouwer of terreinbeheerder terecht met mijn grote hoeveelheden groenafval?

De meest voor de hand liggende oplossing is om het groenafval in te leveren bij een composteringsinstallatie. Op die manier wordt groenafval omgezet in een stabiele, hoogwaardige kiem- en onkruidvrije bodemverbeteraar. Lijst van de erkende composteringsinstallaties in Vlaanderen .

Voor niet-particulieren zijn er ook nog andere mogelijkheden:

  • inleveren bij een containerparken (tegen betaling) als dit daar toegelaten is
  • zelf groenafval composteren. Dat is toegestaan als er uitsluitend gewerkt wordt met eigen uitgangsmateriaal en de compost bestemd is voor de eigen percelen (thuis- en boerderijcompostering). Als je groenafval van derden wil composteren, is een milieuvergunning (en meestal ook bouwvergunning) nodig waarbij de klasse van milieuvergunning bepaald wordt door de capaciteit van de installatie. Voor het afzetten van de compost zijn nog bijkomende attesten (keuringsattest, FOD ontheffing) nodig.
  • verhakselen tot mulchmateriaal, ter plaatse of op terreinen van de gemeente of bij tuinaannemers. Verhakselen op terreinen van de gemeente of bij tuinaanemers is vergunningsplichtig.
  • bij kleine hoeveelheden:  een inzamelcontainer op de eigen exploitatiezetel. Voor niet-particulieren wordt de hoeveelheid die zonder vergunning tijdelijk op de exploitatiezetel mag opgeslagen worden, vastgelegd op één container van 40 m³. Daarbij moet een regelmatige afvoer voorzien worden. Als richtlijn voor regelmatige afvoer bepaalt de OVAM dat de opslagtermijn voor fijn tuinafval maximum een week bedraagt in de periode april – oktober en 1 maand in de periode november – maart. Voor het grovere tuinafval, zoals snoeihout, is de termijn beperkt tot twee maanden.

Met vragen over het afvoeren of verwerken van groenafval kun je terecht bij OVAM, team Bio, Stationsstraat 110 te Mechelen, 015/284 356.

Meer info over composteren vind je op www.vlaco.be

 

Contacteer ons
Dienst Milieu en Gezondheid
Documenten

Dowload of bestel de folder over buiten stoken