Plaatsing, gebruik en onderhoud


Plaatsing ventilatieroosters

  • Plaats de roosters weg van de straatzijde.
  • Plaats ze niet in de buurt van een vervuilingsbron (drukke weg, parking, afvalplaats…)
  • Plaats ze minstens 2 meter van een luchtafvoeropening, rookafvoeropening, dampkapafvoer…
  • Plaats bijkomende filters als je aan een drukke straat woont.
  • Plaats fijnfilters van klasse F5 en F7 voor een preciezere ventilatie(vooral goed om fijnere stof en pollen te filteren). Je kan die eventueel combineren met een groffilter (vb. G3).Voorzie per m² vloeroppervlakte een ventilatieopening van 10 cm².
  • Plaats de roosters minstens 1,8 m (bij voorkeur 2,4 m) boven de vloer om tocht.
  • Kies zelfregelende roosters. Die gaan meer dicht bij felle wind en passen zo de toevoer van lucht aan de weeromstandigheden aan.
  • Kies roosters met een akoestische dempers als u in een lawaaierige omgeving woont. Een muurrooster is dikker dan een raamrooster en dempt meer het geluid.

 

Plaatsing Mechanische systemen

Een goede ventilatie start bij een zorgvuldig ontwerp, een optimale dimensionering die rekening houdt met de grootte en de verdeling van de ventilatie over de verschillende ruimtes en een goede installatie.

  • Leg de kanalen zo aan dat je ze makkelijk kan schoonmaken.
  • Kies voor gladde rond kanalen met ruime diameter en gladde bochten. Zorg voor afrondingen in de bochten bij gebruik van rechthoekige kanalen.
  • Gebruik zo weinig mogelijk flexibele kanalen.
  • Plaats flexibele kanalen best uitsluitend op gemakkelijk bereikbare en met zo weinig mogelijk bochten in de slang zodat je ze toch kan schoonmaken.
  • Afvoerkanalen moeten een voldoende grote diameter hebben: : ongeveer 10 cm voor toilet, 15 cm voor keuken.
  • Beperk drukverliezen in de leiding: vermijd bochten, vernauwingen, flexibele verbindingen

 

Onderhoud en gebruik

Lees altijd eerst aandachtig de handleiding en in het bijzonder de onderhoudsinstructies.

Gebruik

  • Zet het systeem nooit uit (tenzij in noodgevallen of voor onderhoud).
  • Sluit roosters nooit helemaal, ook niet in de winter.
  • Zet het systeem in een hogere stand als dat nodig is, bv. bij koken en douchen of als er veel mensen in huis aanwezig zijn of kies voor een vraaggestuurd systeem


Onderhoud ventilatieroosters

  • Kies roosters die je makkelijk kan reinigen.
  • Controleer in het begin de roosters elke maand zodat je kan inschatten hoe snel ze vuil worden.
  • Maak roosters regelmatig (om de 1 tot 3 maanden) schoon met een stofzuiger.
  • Sluit roosters nooit volledig.


Onderhoud mechanische systemen

  • Openingen voor de toevoer van verse lucht en de afvoer van vervuilde lucht (systeem B en C) reinigt u best om de 1 tot 3 maanden.
  • Doorstroomopeningen zoals roosters in deuren en muren reinigt u best om de 1 tot 3 maanden
  • Toevoeropeningen (systeem B en D) reinigt u best elke maand
  • Afvoeropeningen (systeem C en D) reinigt u best om de 1 tot 3 maanden
  • Sluit eventueel een onderhoudscontract af voor het onderhoud van het ventilatiesysteem. Schakel in elk geval om de één tot drie jaar een installateur in om
    • De installatie te inspecteren en als dat nodig is de kanalen, toevoer en afvoer te reinigen.
    • De instellingen te controleren en als dat nodig is bij te regelen.
    • De ventilatoren te reinigen.
  • Vraag na bij de fabrikant of installateur van het systeem hoe vaak filters best vervangen worden, gewoonlijk is dit om de 6 maand. Een systeem waarbij een indicatie(lampje) aangeeft dat het tijd is om de filter te vervangen of te reinigen, maakt het onderhoud eenvoudiger.