Informatie voor erkende brandertechnici

Voor welke installaties ben ik erkend?

  •  Centrale stooktoestellen die in hoofdzaak gebruikt worden voor het verwarmen van gebouwen of voor het aanmaken van warm verbruikswater
  • Individuele stooktoestellen (op mazout of kolen, oliekachels, gaskachels en gasgeisers) vallen niet onder het besluit

Hoe lang is de erkenning geldig?

Erkenning verleend voor 1 januari 2011 5 jaar
Erkenning verleend na 1 januari 2011 Onbepaalde duur

Wanneer vervalt de erkenning?

  • op de dag dat de erkenninghouder aan de afdeling de stopzetting van het gebruik van de erkenning meedeelt.
  • als de erkende persoon niet tijdig de vijfjaarlijkse bijscholing volgt en slaagt voor de bijhorende proef.
  • na schorsing of opheffing van de erkenning door de leidend ambtenaar van het Departement LNE

Vijfjaarlijkse bijscholing: verplicht

Als erkend persoon ben je verplicht om vijfjaarlijks een bijscholing te volgen en te slagen voor de bijhorende proef. De technicus kiest vrij bij welke erkende instelling hij de bijscholing wil volgen. Als er in een bepaalde opleidingsinstelling geen examens meer vóór het einde van de vijfjarige looptijd zouden plaatsvinden, dan contacteer je een andere instelling.

Het is niet  nodig om nog een geldige erkenning te hebben om de bijscholing te mogen volgen. Ook wanneer er een onderbreking is van de geldigheid kan naar keuze van de technicus hetzij de bijscholing, hetzij opnieuw de volledige cursus worden gevolgd. Om de erkenning opnieuw te verkrijgen moet hij uiteraard geslaagd zijn in de bijhorende proef.

Voor de bijscholing biedt de kandidaat zich op de proef aan met zijn eigen meetapparatuur. Kandidaten die zich aanbieden zonder apparatuur of met gebrekkig werkende apparatuur, worden niet tot de praktische proef toegelaten (arikel 43, 3°, c) van het VLAREL).

Hiervoor kan een afwijking worden verleend als de erkende persoon kan bewijzen dat hij om redenen van overmacht niet in staat was de bijscholing te volgen of de proef af te leggen. In dat geval legt de afdeling de erkende persoon een nieuwe termijn op waarbinnen die de bijscholing moet volgen of met gunstig gevolg de proef moet afleggen (artikel 55, § 1 tot 3 van het VLAREL).

Welke maatregelen kunnen genomen worden als een technicus zich niet aan de verplichtingen houdt?

De leidinggevende ambtenaar van het Departement Omgeving kan beslissen om de erkenning van de technicus te schorsen of op te heffen.

Dit kan gebeuren:

  • wanneer niet meer aan de algemene of bijzondere erkenningsvoorwaarden is voldaan,
  • wanneer de gebruikseisen worden geschonden,
  • wanneer foutieve resultaten worden vastgesteld bij metingen.

De technicus zal door de afdeling via een aangetekend schrijven worden uitgenodigd op een hoorzitting. De afdeling luistert naar zijn verweermiddelen. Op basis van het dossier zal dan een voorstel over de schorsing of de opheffing aan de leidinggevende ambtenaar van het Departement Omgeving worden voorgelegd (artikel 54, § 1 tot 3 van het VLAREL).

Klacht indienen tegen technici die zonder erkenning of zonder geldige (vervallen) erkenning onderhouden/controles uitvoeren

Bij weet van misbruik (hetzij persoonlijk vastgesteld, hetzij via schriftelijke documenten bewezen) kan iedereen altijd klacht indienen bij de afdeling Gebiedsontwikkeling, Omgevingsplanning en -projecten. De overmaking ervan mag ook anoniem gebeuren.

Als  een technicus op datum van opmaak van de overzichtslijst van erkende technici (LINK), niet meer over een geldige erkenning beschikt, dan wordt hij/zij automatisch uit deze lijst geschrapt. Technici wiens erkenning is vervallen, mogen geen enkele taak meer verrichten als erkend brandertechnicus.

Steekproef op het werk van de brandertechnicus

Sinds 2013 moet er geen jaarlijkse overzichtslijst meer ingediend worden. De afdeling Gebiedsontwikkeling, Omgevingsplanning en -projecten schrijft technici enkel nog steekproefsgewijs aan omn de gegevens van recent uitgevoerde keuringen, onderhouden of verwarmingsaudits te bezorgen. 

Een selectie van deze installaties zal dan in opdracht van de afdeling Gebiedsontwikkeling, Omgevingsplanning en -projecten aan een controle worden onderworpen door een geaccrediteerde keuringsinstelling. Op deze manier kunnen alle erkende technici aan een mogelijke controle op hun uitvoerend werk onderworpen worden.