Grondverschuivingen, gegevens en onderzoek

De afdeling Land en Bodembescherming, Ondergrond, Natuurlijke Rijkdommen liet 3 onderzoeksprojecten uitvoeren over de problematiek van grondverschuivingen.

1. Verkennende studie met betrekking tot massabewegingen in de Vlaamse Ardennen (03/07/2006)

Deel I: studiegebied - literatuurstudie - inventarisatie en classificatie (+ steekkaarten) - statistische en ruimtelijke analyse - methodologie voor het ontwerp van een risicokaart.

Drs. Miet Van Den Eeckhaut, Prof. J. Poesen, Prof. G. Verstraeten en Prof. G. Govers, Onderzoeksgroep Fysische en Regionale Geografie, K.U.Leuven; en Ir. R. Keersmaekers, Prof. J. Maertens, Prof. D. Van Gemert, Afdeling Bouw­materialen en Bouw­technieken, Departement Burger­lijke Bouw­kunde, K.U.Leuven, 174pp

De studie bevat een grondige beschrijving van grondverschuivingen (massabewegingen) en brengt het probleem in kaart voor een deelgebied van de Vlaamse Ardennen van ongeveer 200 km², gespreid over de gemeenten Oudenaarde, Maarkedal, Ronse, Kluisbergen, Horebeke en Zwalm. Binnen dit gebied werden verschillende types massabewegingen geïdentificeerd en geïnventariseerd op basis van terreinkartering en analyse van het Grootschalig Digitaal Hoogtemodel. In totaal werden 147 massabewegingen in kaart gebracht en beschreven in een fiche. Vervolgens werd een gevoeligheidskaart voor massabewegingen in het deelstudiegebied opgesteld, gebruik makend van een statistisch model op basis van terreinkenmerken. Het resultaat is een rasterkaart (resolutie 10 m) met 4 gevoeligheidsklassen die makkelijk te interpreteren is door de diverse gebruikers.

Studie deel I

Deel II: Geotechnisch onderzoek van enkele representatieve sites onderhevig aan massa­bewegingen - Voorstelling van effectieve en efficiënte remediëringsmethoden en preventiemaatregelen voor massabewegingen binnen het studiegebied

Ir. R. Keersmaekers, Prof. J. Maertens, Prof. D. Van Gemert, Afdeling Bouwmaterialen en Bouwtechnieken, Departement Burgerlijke Bouwkunde, K.U.Leuven, 171pp 

Het geotechnische luik van de studie bevat een stabiliteitsanalyse van een aantal massabewe­gingen en geeft een algemeen overzicht van mogelijke preventie- en herstelmaatregelen.

Studie deel II

2. Opstellen van een gevoeligheidskaart met betrekking tot massabewegingen (massatransport) voor de Vlaamse Ardennen (28/08/2007)

Dr. Miet Van Den Eeckhaut, Prof. J. Poesen, Onderzoeks­groep Fysische en Regionale Geo­grafie, K.U.Leuven, 103pp.

Aanvullend op de eerste opdracht, werd de gevoeligheid voor grondverschuivingen ook voor de rest van de Vlaamse Ardennen in kaart gebracht. Het uitgebreide studiegebied omvat nu 17 gemeenten (Oudenaarde, Maarkedal, Ronse, Kluisbergen, Horebeke, Zwalm, Kruishoutem, Zingem, Gavere, Wortegem-Petegem, Oosterzele, Sint-Lievens-Houtem, Zottegem, Herzele, Brakel, Lierde en Geraardsbergen) en is 710 km² groot.

Het model, ontwikkeld voor het deelstudiegebied (cfr. Verkennende studie 1), werd gebruikt om een gevoeligheidskaart voor grondverschuivingen in het hele studiegebied op te stellen. Deze kaart werd vervolgens gevalideerd door ze te vergelijken met een inventariskaart van grondverschuivingen in het 510 km² grote uitbreidingsgebied. De inventaris kwam, net zoals in de verkennende studie, tot stand door een combinatie van terreinkartering en analyse van gedetailleerde schaduw en hoogtelijnenkaarten afgeleid van het Grootschalig Digitaal Hoogte­model. In het totaal werden 210 grondverschuivingen geïnventariseerd. Na de validatie werd een nieuw model opgesteld, op basis van logistische regressie, dat de gevoeligheid voor grondverschuivingen in kaart brengt in functie van de hellingsgraad en de aanwezigheid van bepaalde geologische formaties in het uitgebreide studiegebied.

Het eindresultaat is een rasterkaart (resolutie 10 m) met 4 gevoeligheidsklassen voor een gebied van 710 km² dat de Vlaamse Ardennen volledig omvat. Dit document is voor de betrokken gemeenten en andere besturen een bruikbaar instrument bij beleidsbeslissingen, zoals het opstellen of goedkeuren van diverse plannen en het afleveren van vergunningen.

Studie 2

3. Uitbreiding (fase 3) van de gevoeligheidskaart voor grondverschuivingen in Vlaanderen (16/11/2009)

Dr. Miet Van Den Eeckhaut, Prof. J. Poesen, Onderzoeks­groep Fysische en Regionale Geo­grafie, K.U.Leuven, 173pp.

In een derde fase werd de bestaande gevoeligheidskaart voor grondverschuivingen uitgebreid voor een gebied met dezelfde geologische en topografische kenmerken als het studiegebied van de 17 reeds bestudeerde gemeenten. Binnen dit gebied kon het bestaande model, ontwikkeld in het kader van de voorgaande studie, ongewijzigd toegepast worden. Het totale, uitgebreide studiegebied omvat 2914 km² gelegen ten westen van Brussel, in het zuiden van de provincies West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen en Vlaams-Brabant. In het totaal wordt door het gehanteerde model aan ca. 180 km² of 6,3% studiegebied een zeer hoge tot matige gevoeligheid toegekend.

De gevoeligheidskaart werd gevalideerd door confrontatie met een inventariskaart van grondverschuivingen, opgesteld op basis van gedetailleerde schaduw- en hoogtelijnenkaarten, informatie van ‘bevoorrechte getuigen’ en terreinverificatie. Net zoals in voorgaande studies, werd een zo volledig mogelijke inventaris van bestaande grondverschuivingen nagestreefd binnen het nieuwe deel van het uitgebreide studiegebied. Het resultaat van deze en voorgaande studies is een inventaris van 291 grondverschuivingen. 77,5% van de gridcellen die binnen een gekarteerde grondverschuiving met een diep schuifvlak liggen (i.e. 604,4 ha van ca 780 ha) heeft een zeer hoge tot matige gevoeligheid. Bijgevolg kan besloten worden dat de opgestelde gevoeligheidskaart voor grondverschuivingen voor het totale studiegebied een realistisch beeld geeft van de ruimtelijke spreiding van de sites gevoelig voor grondverschuivingen.

Studie 3

Geografische data grondverschuivingen

De geografische data van alle studies zijn gecombineerd tot 2 kaartlagen:

  • Gevoeligheidskaart voor grondverschuivingen
  • Gekarteerde grondverschuivingen

Je kan de kaarten raadplegen via de bodemloketten van de Databank Ondergrond Vlaanderen

Contacteer ons
Dienst Land en bodembescherming