Geologische opslag van koolstofdioxide (CO2)

Krachtlijnen van het beleid

  • De geologische opslag van CO2 is een relatief nieuwe techniek. Daarom voorziet het beleid  een uitgebreid arsenaal aan maatregelen die de milieurisico’s tot een minimum moeten beperken. Dit is belangrijk omwille van de potentiële impact van geïnjecteerd CO2 op de structuur, de opslagcapaciteit, de doordringbaarheid en de injecteerbaarheid van mogelijk beschikbare geologische opslagformaties. Ook de invloed van injecties op watervoerende lagen is een aandachtspunt. Met het oog op het vermijden van deze risico’s wordt een duidelijke doelstelling geformuleerd en wordt het toepassingsgebied nauwkeurig afgelijnd.
  • Bovengrondse eigenaars, vruchtgebruikers, huurders, pachters, … moeten dulden dat de houder van een vergunning CO2-opslagcomplexen opspoort of CO2 opslaat in de diepe ondergrond. Dit doet echter geen enkele afbreuk aan hun recht op vergoeding van de door deze activiteiten veroorzaakte schade.
  • Vergunninghouders kunnen onder welbepaalde voorwaarden tijdelijk gronden van de bovengrondeigenaars bezetten om gebouwen en bovengrondse installaties op te richten die noodzakelijk zijn voor het opsporen van CO2-opslagcomplexen of het geologisch opslaan van CO2. Ook deze maatregel doet geen afbreuk aan het recht op vergoeding van het genotsverlies door de bezetting van de gronden.
  • Via een verplicht systeem van voorafgaande opsporingsvergunningen worden potentiële opslagcomplexen in Vlaanderen nauwkeurig in kaart gebracht. Potentiële opslagcomplexen zullen aan een zeer verregaande selectie onderworpen worden vooraleer ze daadwerkelijk in aanmerking kunnen komen als opslaglocatie. De geologische opslag van CO2 is bovendien onderworpen aan de MER-regelgeving en is omgevingsvergunningsplichtig.
  • Er worden voorwaarden gesteld over de samenstelling van de CO2-stroom en er komt  een aanvaardingsprocedure.
  • Er zijn uitgebreide monitorings- en rapportageverplichtingen voor de exploitant. Via een systeem van routinematige en niet-routinematige inspecties worden de opslaglocaties grondig gecontroleerd. Bij lekkages of significante onregelmatigheden worden onmiddellijk corrigerende maatregelen getroffen op basis van een vooraf goedgekeurd plan. Voordat een aanvraag voor een opslagvergunning wordt ingediend, moet de potentiële exploitant bovendien via een financiële zekerheid of een gelijkwaardige voorziening waarborgen dat voldaan kan worden aan alle verplichtingen die voortvloeien uit de geologische opslag van CO2.
  • De verplichtingen van de exploitant bij afsluiting van de opslaglocatie en in de periode na afsluiting worden duidelijk omschreven in het decreet. Nadat een opslaglocatie is afgesloten, blijft de exploitant verantwoordelijk voor het onderhoud, de monitoring, het toezicht, de rapportering en de corrigerende maatregelen. Uiteindelijk wordt de verantwoordelijkheid voor een afgesloten opslaglocatie overgedragen aan het Vlaamse Gewest, maar enkel wanneer uit alle beschikbare gegevens blijkt dat het opgeslagen CO2 voor onbeperkte tijd volledig ingesloten blijft.
  • Ten slotte wordt een kader uitgewerkt waarbinnen derden onder welbepaalde voorwaarden toegang kunnen krijgen tot CO2-transportnetwerken en -opslaglocaties, met het oog op de geologische opslag van door hen geproduceerd en afgevangen CO2.
  • De geologische opslag van CO2 wordt momenteel gezien als een belangrijke overbruggingstechnologie die kan meehelpen om de klimaatverandering te beperken, in afwachting van de realisatie van een koolstofarme energievoorziening en economie. De ontwikkeling ervan mag natuurlijk niet leiden tot minder inspanningen op het terrein van energiebesparing en hernieuwbare energie, zowel wat betreft onderzoek als financiering. Het is met andere woorden geen of-of-verhaal, maar een en-en-verhaal.

Gebruik van CO2

Een positieve en innoverende ontwikkeling van de laatste jaren is het gebruik (utilisation) van koolstofdioxide. CO2 is hierbij geen afvalstroom meer, maar een grondstof voor tal van toepassingen, een dure grondstof bovendien. Enkele voorbeelden zijn CO2-bemesting in de glastuinbouw, gebruik in de frisdrankindustrie, CO2 als drijfgas voor verhoogde koolwaterstofproductie (vooral EOR, enhanced oil recovery), maar evengoed het aanwenden van CO2 voor de aanmaak van hoogwaardige bouwproducten (zie onder meer http://www.carbstoneinnovation.be/nl/) en zelfs het gebruik van CO2 voor het vervaardigen van basischemicaliën of synthetische brandstoffen. De laatste jaren wordt de term CCS daarom vaker vervangen door CCUS of zelfs CCU (carbon capture and utilisation). CCU op zichzelf is echter ontoereikend voor grootschalige CO2-opslag met een belangrijke mitigerende impact op klimaatverandering. Toch verwerkt de CO2-utilisation vandaag minder CO2 dan technisch haalbaar is omdat de CO2-prijs te hoog is.