Sla navigatie over
Departement Leefmilieu, Natuur en Energie
home | contact | sitemap | publicaties | vacatures | english information
  Thema's  
     
  Campagnes  
     
  Doelgroepen  
     
  Over onze organisatie  
     
U bent hier: www.lne.be Thema's Milieuvergunningen Regelgeving Archief nieuwsberichten Nieuwe mestdecreet: gevolgen voor milieuvergunning?

Nieuwe mestdecreet: gevolgen voor milieuvergunning?

Het decreet houdende de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bonnen werd op 22 december 2006 goedgekeurd en gepubliceerd op 29 december 2006 in het Belgisch Staatsblad (verder: het mestdecreet). De volledige tekst van het decreet kan ook teruggevonden worden op de website van de Vlaamse Landmaatschappij: www.vlm.be. De uitvoeringsbesluiten zijn nog in opmaak en zullen na goedkeuring ook op deze website terug te vinden zijn.

Het nieuw decreet houdt enerzijds in dat het decreet van 23 januari 1991 inzake de bescherming van het leefmilieu tegen de verontreiniging door meststoffen bijna integraal wordt opgeheven en vervangen en anderzijds dat het milieuvergunningsdecreet op een aantal punten wordt gewijzigd wat betreft milieuvergunningsaanvragen voor het houden van dieren onder de rubrieken 9.3 t.e.m. 9.8.

Hierna vindt u een samenvatting van de gevolgen op de toekenning van milieuvergunningen naar aanleiding van het nieuwe mestdecreet en de wijzigingen aan het milieuvergunningsdecreet:

Vergunningsaanvragen in 2007

Volgens het nieuwe decreet (het mestdecreet) blijft artikel 33ter, § 1, c) van het decreet van 23 januari 1991 inzake de bescherming van het leefmilieu tegen de verontreiniging door meststoffen van toepassing tot 31 december 2007. Het daarbijhorend uitvoeringsbesluit - het vergunningenbesluit van 5 oktober 2001 - blijft eveneens geldig tot 31 december 2007.

Kenmerkend voor artikel 33ter is de vergunningsstop die hierin is opgenomen. Dit houdt in dat tijdens het jaar 2007 nog steeds geen milieuvergunningen mogen worden verleend die – tenzij de wet een uitzondering voorziet – een stijging van de vergunde mestproductie inhouden. Een belangrijke wijziging is evenwel de loskoppeling van de nutriëntenhalte (NH) met de vergunning. De nutriëntenhalte was, naast het vergunningenbeleid, tot 1 januari 2007 een tweede productiebeperkend instrument. Deze wordt vanaf 1 januari 2007 vervangen door nutriëntenemissierechten of NER-D. In het oude decreet mocht de nutriëntenhalte nooit meer bedragen dan de vergunde productie op de inrichting.

De huidige werkwijze van advisering door de Vlaamse Landmaatschappij aan de bevoegde vergunningverlenende overheden blijft voorlopig behouden op 2 punten na:

  • Verval van de vergunning: volgens artikel 28, § 1, 3° van het milieuvergunningsdecreet vervalt de milieuvergunning van rechtswege als de inrichting gedurende 2 opeenvolgende jaren niet in exploitatie was. Hierop wordt met artikel 73 van het mestdecreet die het milieuvergunningsdecreet wijzigt, een uitzondering gemaakt voor landbouwers die niet bij machte zijn om de geproduceerde dierlijk mest conform het decreet af te zetten. Deze landbouwers kunnen hun activiteiten voor maximaal 5 jaar stopzetten op voorwaarde dat dit aan de mestbank gemeld wordt (artikel 47, § 2 van het mestdecreet) en dit zonder verval van de milieuvergunning.
  • Hernieuwing: volgens artikel 18, § 3 van het milieuvergunningendecreet moet de hernieuwing van een vergunning in principe ten laatste aangevraagd worden vóór de 12de maand vóór het verstrijken van de lopende vergunning. Artikel 81 van het mestdecreet stelt dat wanneer een hernieuwing wordt aangevraagd na deze termijn, de vergunning nog kan verleend worden voor de vergunde mestproductie van de gevraagde hernieuwing. Art. 81: "Aan inrichtingen waarvoor een hernieuwing van de milieuvergunning werd aangevraagd na de in artikel 18, § 3, eerste lid, van het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning bepaalde termijn, kan deze hernieuwing worden verleend voor de productie, die vergund was overeenkomstig de milieuvergunning waarvan de hernieuwing gevraagd werd. De voor deze vergunde productie toegekende nutriëntenhalte voor deze bedrijven blijft behouden. De Vlaamse Regering stelt nadere regels vast."

Vergunningsaanvragen in 2008

Vanaf 1 januari 2008 wordt artikel 33ter van het oud mestdecreet definitief opgeheven. Er wordt dan door de Vlaamse Landmaatschappij geen advies meer verleend aan de vergunningsverlenende overheden op basis van artikel 33ter van het oude mestdecreet of op basis van het vergunningenbesluit. Beide zijn niet meer van toepassing. Dit houdt in dat de vergunningsverlenende overheden opnieuw beschikken over hun beoordelingsvrijheid om al dan niet een milieuvergunning te verlenen met stijging van de vergunde mestproductie. De landbouwer dient wel op niveau van het bedrijf de productie van dierlijke mest te beperken tot de hem toegekende nutriëntenemissierechten, afgekort NER-D, maar dit heeft als dusdanig geen band meer met de milieuvergunning. De Vlaamse Landmaatschappij zal dan verder wel adviezen verlenen aan de milieuvergunningsverlenende overheden wat betreft de mestopslagcapaciteit. Deze veranderde verplichtingen zijn niet opgenomen in het milieuvergunningsdecreet maar hebben wel dwingende gevolgen ten aanzien van de milieuvergunningsverlening. Deze bepalingen zijn opgenomen in de artikelen 9, 10 en 11 van het mestdecreet.