Sla navigatie over
Departement Leefmilieu, Natuur en Energie
home | contact | sitemap | publicaties | vacatures | english information
  Richtlijnenboek voor Veiligheidsrapportages  
     
  Wetgeving  
     
  Seveso-inrichtingen  
     
  Gevaarlijke stoffen  
     
  Veiligheidsrapportages  
     
  Onderzoek en Communicatie  
     
  Varia  
     
U bent hier: www.lne.be Thema's Veiligheidsrapportage Veiligheidsrapportages Rapportages i.k.v. Samenwerkingsakkoord Kennisgeving Wanneer moet de kennisgeving ingediend worden?

Wanneer moet de kennisgeving ingediend worden?

De kennisgeving van een Seveso-inrichting dient bij de coördinerende dienst toe te komen:

  • voor een nieuwe Seveso-inrichting: uiterlijk op het ogenblik dat de aanvraag voor de milieuvergunning wordt ingediend;
  • voor een bestaande Seveso-inrichting die wijzigt of uitbreidt: uiterlijk op het ogenblik dat de aanvraag voor de milieuvergunning wordt ingediend;
  • voor een Seveso-inrichting die ingevolge een wijziging van het toepassingsgebied van het Samenwerkingsakkoord, inzonderheid ingevolge een wijziging van de classificatie van gevaarlijke stoffen, een kennisgeving moet doen: uiterlijk 3 maanden na de datum waarop het Samenwerkingsakkoord op deze inrichting van toepassing wordt.

De exploitant van de Seveso-inrichting moet belangrijke, betekenisvolle wijzigingen in de in de kennisgeving opgenomen gegevens (zie ook pagina Het opstellen van de kennisgeving) onmiddellijk doorgeven aan de coördinerende dienst. Het gaat hier zowel om wijzigingen in administratieve gegevens als wijzigingen die een belangrijke impact kunnen hebben op de risico's van zware ongevallen (zoals wijzigingen in processen en procédés, wijzigingen in de hoeveelheden of de fysische vorm van gevaarlijke stoffen, edm.).

De exploitant brengt de coördinerende dienst ook onmiddellijk op de hoogte bij een definitieve sluiting van de inrichting.

De kennisgeving: gegevensdoorstroming

De coördinerende dienst ontvangt van de exploitant de kennisgeving in 8 (acht) originele exemplaren, en bezorgt aan elk van de aangeduide beoordelingsdiensten een exemplaar, alsook aan de bevoegde inspectiediensten, aan de bevoegde provinciegouverneur en aan de bevoegde burgemeester. Zo nodig kan de coördinerende dienst extra exemplaren opvragen.

 

Kennisgeving


Handleiding Kennnisgeving
(mei 2011)