- Info
Na het planten
Tips om de aanplanting nadien op te volgen en kansen te geven.
- Spelen en boompjes laten groeien, gaan niet altijd even goed samen. Zeker de eerste jaren niet. Enkele tips:
- Jong plantgoed zie je amper staan omdat je aanplant in een periode dat de bomen en struiken bladloos zijn. Om zeker te zijn dat iedereen ze toch ziet staan, kan je er een kleurig lintje aan doen. In Aziatische en Afrikaanse landen doet men dit bij een wensboom. Geef dus elk kind zijn eigen wensboom. Laat ze een kleurig lintje aanknopen en een wens doen. Zie voorbeeldfoto.
- Baken de eerste jaren op je terrein een aantal “verboden zones” af met plastic lint. Met een beetje creativiteit kunnen deze “verboden zones”onderdeel worden van een spel. Zo krijgt het niet mogen betreden van een stukje van het terrein een meerwaarde in plaats van een minwaarde.
- Baken een “verboden zone”af met een meidoornhaag of een frambozenhaag. Dit is iets drastischer. De doorns zorgen automatisch dat spel geweerd wordt. Deze methodiek niet toepassen vanwege veiligheidsoverwegingen is pedagogisch te betwisten. Kinderen dien je immers leren om te gaan met onveiligheden.
- Verhoog eventueel vooraf de aan te planten zones of omwal ze met een stapelmuurtje van gerecycleerde stenen.
- Maak rondom de “verboden zones” met gesnoeid materiaal vlechtwerk rondom de aanplanting.
- Bepaal samen hoe lang je een aangeplante zone “verboden” houdt. Eens de bomen en struiken echt goed in groei zijn kan je ze na een paar jaar vrij geven om in te spelen.
- Geef grotere aangeplante (dus duurdere) bomen vanaf de beginperiode een of twee steunpalen. Deze worden in de grond geheid op het moment dat je de put gegraven hebt. Na het planten kan je tussen de pa(a)l(en) en de boom een rubberen boombinder hangen. Klem deze niet volledig rond de stam, want anders kan deze problemen krijgen bij diktegroei of bij beweging van de stam in de wind.
- Laat elk kind een boom zijn eigen naam geven. Dit kan je vooral doen als je grotere bomen aanplant. Bij jong tweejarig bosplantsoen is dit iets moeilijker te organiseren.
- Je kan ook rond de “verboden zones” touwtjes hangen met (katten)belletjes aan. Voor wie bij een (tik)spel tegen de draad loopt, gaat de ‘boobietrap’, het belletje rinkelen. Deze moet dan bijvoorbeeld even opzij gaan staan.
- Uitval
- Het is vrij natuurlijk dat een deel van de aangeplante boompjes het niet halen (zonder aanduidbare reden). Als je goed geplant hebt en de weercondities vallen de eerste maanden mee, dan kan de uitval beperkt blijven tot soms minder dan 10%. Als je je ontwerp volledig wil realiseren, dan volg je deze uitval best op en plant je het volgende plantseizoen vervangende boompjes en struiken aan.
- Bemerk je achteraf dat bepaalde planten of zones het heel moeilijk hebben, door een aanwijsbare reden, bijvoorbeeld de intensiteit van gebruik, maak dan tijd om dit samen te evalueren. Moet de aanplanting er opnieuw gebeuren, maar dan beter beschermd? Of moet de aanplanting verhuizen naar een meer logische plaats?