- Info
Waar let ik op?
Wie ecologisch groen een plaats wil geven, zal bij elke keuze, van planning tot aanleg en onderhoud, rekening houden met het milieu, de natuur, de omgeving en het landshap en de mensen die het zullen gebruiken.
Deze vier Harmonisch Park- en Groenbeheer (HPG) -pijlers zorgen dat er een visie steekt achter je groen. Hier vind je meer uitgebreide achtergrondinformatie over de vier HPG- pijlers (
pdf - 84 Kb). Hieronder geven we jou de kortere samenvatting:
1. Milieu Groen plannen, aanleggen en onderhouden betekent rekening houden met de gevolgen voor het milieu. Hieronder vijf ‘gouden regels’ om het milieu te ontzien bij je vergroeningsproces: - schadelijke chemische middelen afwijzen
- duurzame materialen kiezen
- het energieverbruik beperken
- duurzaam met water omspringen
- de hoeveelheid groenafval beperken
|  |
2. Natuur Groenaanleg en onderhoud met respect voor de natuur doe je door rekening te houden met: - de eigenschappen van de standplaats (de standplaats is de omgeving van de plant)
- en met successie (de opeenvolging van plantengroei op een plaats).
Dat zijn de twee belangrijkste factoren bij het kiezen van planten. Eén van de geheimen van ecologisch groen is ook om de natuur zelf kansen te geven. Laat ruimte voor spontane ontwikkelingen en spring proactief om met de natuur. Kies bv. planten die extra aantrekkelijk zijn voor dieren: al gauw zullen verschillende diersoorten zich spontaan komen vestigen. |  |
3. Landschap en omgeving De directe fysieke omgeving bepaalt mee de invulling van je terrein. Zo is een stedelijk milieu warmer en droger dan een buitengebied. Daar hou je best rekening mee als je planten kiest. Ook het uitzicht van de directe omgeving speelt een rol. Omgekeerd heeft groen ook een invloed op de omgeving: het verfraait de woonomgeving en maakt haar leefbaarder voor mens, plant en dier. |  |
4. Mens Mensen moeten zich goed voelen in de vergroende omgeving. Het groen moet daarom voldoen aan functionele eisen, wensen en noden van de gebruikers: een rustige en beschutte plek om te keuvelen, een speelruimte, een moestuin, een educatief reservaat … Er moet dus aandacht zijn voor de belevingswaarde en gebruikswaarde van het groen. |  |