‘EDO-kompas’ voor NME-lesgevers
Centrum Voor Natuur- en milieueducatie (CVN) vzw
Doelgroep: NME-lesgevers
CVN wil door middel van dit project de competenties van NME-lesgevers met betrekking tot Eucatie voor Duurzame Ontwikkeling (EDO) blijvend versterken. Concreet gaat het om competenties om duurzame ontwikkeling inhoudelijk en methodisch een plaats te geven in hun eigen les, opleiding, vorming of cursus.
Binnen het NME-werkveld bestaat immers nood aan ondersteuning bij vertaling van duurzame ontwikkeling naar de concrete lespraktijk.
Om dit te bereiken zal CVN in het kader van dit project verschillende stappen ondernemen om te komen tot 2 eindproducten.
In de 1ste plaats een publicatie die een volledige uitwerking geeft van duurzame ontwikkeling op maat van een NME-lesgever met een antwoord op vragen als:
- wat is duurzame ontwikkeling?
- wat kan ik met duurzame ontwikkeling in mijn eigen lessen?
- hoe vertaal ik duurzame ontwikkeling didactisch naar mijn lessen?
- welke inhouden breng ik aan bod?
- welke werkvormen gebruik ik daarvoor?
- welke educatieve materialen bestaan er al om duurzame ontwikkeling een plaats te geven binnen mijn les?
Deze publicatie zal tot standkomen met inbreng van een speciaal voor deze publicatie opgericht leescomité met mensen uit de praktijk van NME en EDO.
Een 2de eindproduct behelst een opleiding rond EDO op maat van NME-lesgevers die CVN tijdens de projectperiode 6 maal zal aanbeiden. Na de projectperiode neemt CVN deze opleiding op in haar vormingsaanbod om de continuïteit te garanderen.
Tijdens deze opleiding staat het trainen van de vaardigheden van NME-lesgevers om duurzame ontwikkeling een plaats te geven centraal.
CVN beschikt hiertoe over een goed onderbouwde expertise met betrekking tot EDO (o.a. de publicatie ‘Samen op weg: duurzame ontwikkeling tijdens de natuurexcursie’ ...) en participeert aan enkele strategische overlegfora en initiatieven (EDO-overlegplatform, werkgroep EDO-indicatoren van de Vlaamse overheid…). Tot slot heeft het CVN heel wat ervaring met het geven van opleiding specifiek voor NME-lesgevers.
Voor meer informatie:
www.c-v-n.be.
top
‘Pedagogische kit over de ecologische voetafdruk’ voor het basisonderwijs en de 1ste graad secundair onderwijs
WWF-Vlaanderen vzw
Doelgroep: leerlingen tussen 10 en 14 jaar en hun leerkrachten (4de, 5de en 6de leerjaar van het basisonderwijs en de 1ste graad van het secundair onderwijs)
Met de aangeboden kit kunnen leerkrachten het begrip ecologische voetafdruk op een eenvoudige, visuele, actieve en wetenschappelijk ondersteunde manier uitleggen aan de leerlingen. Vervolgens kunnen ze de voetafdruk van de klas bepalen en een aantal acties voorstellen die de leerlingen klassikaal kunnen nemen om de voetafdruk van de klas/school te verkleinen.
WWF wil met dit project bereiken dat de leerlingen zich bewust zijn van de toestand van de planeet, dat ze beseffen wat de invloed van de mens en onze levensstijl daarop is en overtuigd zijn van het belang van een duurzame ontwikkeling. Ze willen de leerlingen aanzetten tot globaal denken, lokaal handelen en individueel veranderen en dat door hen aan te zetten om op klasniveau, schoolniveau en daarbuiten actie te ondernemen.
De ecologische voetafdruk is hiervoor een zeer bruikbaar instrument. Deze maakt immers niet alleen duidelijk dat er grenzen zijn aan onze planeet, maar geeft ook aan dat we ieder verantwoordelijk zijn voor de manier waarop we met de beperkte ruimte en hulpmiddelen omgaan.
De voetafdruk is ook ideaal als rode draad om het te hebben over de mondiale ongelijkheden: Noord-Zuidverhoudingen, mensenrechten, rechtvaardigheid, eerlijke handel… Binnen het project zal WWF ook duidelijke linken leggen met bestaand materiaal zoals de Gloobfanfare van Djapo, MOS-themabundels en MOS-activiteiten, het aanbod van Kleur bekennen…
In de 1ste graad van het secundair onderwijs zullen in 1ste instantie vooral leerkrachten wetenschappen (natuurwetenschappen, aardrijkskunde en technologische opvoeding) aan de slag kunnen met de kit. In de eindtermen staan rechtstreekse verwijzingen naar de milieuproblematiek. Het pakket zal zich door de gebruikte methodieken ook uitstekend lenen tot vakoverschrijdend werken (o.a. leren leren, sociale vaardigheden, opvoeden tot burgerzin en milieueducatie).
Op de nieuwe educatie-website van WWF
www.wwf.be/school zal WWF een pagina inrichten als ‘actieruimte’ met een meter voor alle bespaarde m². Voor elk educatief instrument zullen ze ook een online evaluatie-formulier ontwikkelen.
Voor leerkrachten is een lerarenhandleiding voorzien. Het overige materiaal van de pedagogische kit zal aangepast zijn aan 10 tot 14 jarigen (aantrekkelijke vormgeving, eenvoudige en duidelijke vragen voor het berekenen van de voetafdruk…). Via een poster zullen de leerlingen de acties die ze uitvoeren kunnen bekendmaken in de klas/school. Daarnaast zal de kit een aantal postkaarten bevatten die ze naar WWF kunnen opsturen met de vermelding van hun acties.
Er komt ook een wedstrijd waarbij WWF klassen zal aanmoedigen om niet enkel op klasniveau maar ook op schoolniveau en erbuiten actie te ondernemen.
top
‘Campagne watervoetafdruk’ voor grootkeukens en gebruikers
Ecolife vzw
Doelgroep: koksscholen met grootkeuken en professionele verantwoordelijken in grootkeukens
Het waterverbruik is wereldwijd een steeds groter milieuprobleem. Ecolife, WWF en VELT willen het concept van ‘watervoetafdruk’ ingang doen vinden en de beoogde doelgroepen sensibiliseren rond het (verborgen) waterverbruik van voedingsproducten. Naast de probleemstelling zullen ze alternatieven aanreiken en de doelgroepen aanzetten tot actie.
Ze koppelen de ‘watervoetafdruk’ aan de ‘ecologische voetafdruk’ en komen zo tot een 2-luik dat op elkaar inspeelt. Ze zullen daarom focussen op producten die zowel goed presteren qua watervoetafdruk als qua ecologische voetafdruk.
In de 1ste plaats richten ze zich tot koksscholen die beschikken over een goed uitgebouwde keukeninfrastructuur, een keuken waar liefst ook toestellen aanwezig zijn i.f.v. opleiding voor grootkeukens. Ze richten zich er zowel tot leerkrachten die praktijklessen geven als tot diegenen die theorielessen onderwijzen rond keukentechnieken, waarbij de opzet is met de leerlingen tot vakoverschrijdende initiatieven te komen op school.
In een 2de luik van het project betrekken ze verantwoordelijken van grootkeukens in hogescholen: de personen die instaan voor het beheer: beheerders, inkopers, kwaliteitsmanagers (HCCP), intendanten en (chef)koks. Daarnaast richten ze zich ook op toeleveranciers van ingrediënten in grootkeukens.
Op 1 september 2010 startten Ecolife, Velt en WWF dit NME-project naar scholen en grootkeukens rond de watervoetafdruk van onze voeding. De watervoetafdruk, die zowel het directe als het indirecte waterverbruik in beeld brengt, toont aan dat een gemiddelde Belg 7400 liter water consumeert per dag.
Welke producten de grote slokoppen zijn én hun waterarme alternatieven vind je op
www.watervoetafdruk.be. Je vindt er ook de 'waterfoodprint': een calculator die zowel de watervoetafdruk als de ecologische voetafdruk in beeld brengt en dus een handige tool is voor wie ecologische maaltijden wil serveren.
In de loop 2011 volgen allerhande wedstrijden, studiedagen en andere acties.
Uiteraard zullen het aantal uitgewerkte menu’s, het aantal grootkeukens dat aan het project meewerken en het aantal bezoekers op de site indicatoren zijn voor de impact van het project. Het is de bedoeling om daarnaast ook met een aantal meer kwalitatieve indicatoren de impact van de campagne te meten, bijv. m.b.t. de motivatiegraad en de mate waarin ook thuis het thema aan bod komt.
top
Biodiversiteit@bedrijven.com
Natuurpunt vzw
Doelgroep: actieve vrijwilligers en leden van natuurverenigingen; vakbondsafgevaardigden; bedrijfsleiders van Vlaamse ondernemingen (i.h.b. KMO’s)
Met dit project wil Natuurpunt de drie doelgroepsegmenten hefbomen aanreiken om lokale biodiversiteit en economie te verzoenen en zo bij te dragen aan een maatschappelijke bondgenotenstrategie in het kader van Europese Countdown 2010-biodiversiteitsdoelen.
De diensten Natuurpunt Beleid en Educatie zullen een basishandleiding uitwerken. In deze handleiding zullen ze de verschillende mogelijkheden om biodiversiteit en bedrijven te laten samengaan en de relevante wettelijke achtergrond en subsidiemogelijkheden behandelen en illustreren met goede praktijkvoorbeelden. Afhankelijk van het doelgroepsegment zal de handleiding andere accenten leggen. Zo zal bijvoorbeeld voor vakbondsafgevaardigden de link worden gelegd met huidige bedrijfsinterne vakbondsthema’s als milieuzorg (in het bijzonder energie- en uitstootmaatregelen), personeelsparticipatie en kwaliteit van de werkplek. Voor ondernemers wil Natuurpunt de koppeling 'biodiversiteit-klimaat' maken, alsook de invalshoek vanuit 'Duurzaam Ondernemen' belichten. Economische relevantie van biodiversiteit, financiële stimulansen, goede praktijkvoorbeelden, enzovoorts zullen voldoende in de schijnwerpers gezet worden voor deze doelgroep.
Tijdens het project zal Natuurpunt een gebruikersgroep oprichten en minimaal vier proefprojecten bij bedrijven d.m.v. procesbegeleiding opvolgen. Het project krijgt ondersteuning d.m.v. een communicatiecampagne en info- en vormingsmomenten voor de drie doelgroepsegmenten.
top
Kenniscirkel BoerENnatuur
Proclam vzw i.s.m. het Regionaal Landschap Haspengouw en Voeren
Doelgroep: landbouwers
Boeren zijn zich steeds meer bewust van het belang van biodiversiteit. Zowel boeren die op hun bedrijf op een goede manier met de natuurelementen wensen om te gaan als boeren die aan natuurbeheer wensen te doen, komen in de praktijk knelpunten tegen waarvoor niet direct een antwoord is. Ze willen meer kennis opdoen en wensen antwoorden op deze praktische vragen. Die kennis over ‘boerennatuur’ is echter heel verspreid aanwezig in Vlaanderen o.a. bij collega boeren, natuurbeschermers, het Instituut voor Bosonderzoek (INBO), het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB), de Afdeling Duurzame Landbouwontwikkeling (ADLO) van het Departement Landbouw en Visserij, de Regionale Landschappen, de Vlaamse Landmaatschappij (VLM), landbouwonderzoekscentra, ambtenaren, natuurorganisaties….
Er is nood aan een betere bundeling van de aanwezige kennis en ervaring.
Proclam en het Regionaal Landschap Haspengouw en Voeren zullen met 'de kenniscirkel BoerENnatuur' de kennis voor de praktijk via een internetforum bundelen en doorspelen. Experten, boeren of natuurbeschermers geven een antwoord op de praktische vragen vanuit de praktijk. De boeren of natuurbeschermers kunnen ook zelf voorstellen formuleren om biodiversiteit te creëren en natuur beter te integreren in de landbouwbedrijfsvoering. Een animator stuurt het forum aan en promoot de kenniscirkel zodat nieuwe deelnemers de thema’s blijven stofferen. Relevante informatie zal per thema gebundeld worden in een voor iedereen raadpleegbare digitale cursus. Ervaringen uit het internetforum, uit vakbladen en demonstratieprojecten zullen gepubliceerd worden in nieuwsbrieven. Aan de kenniscirkel willen de initiatiefnemers ook bijeenkomsten koppelen met hetzij een regionaal karakter (b.v. niveau Regionaal Landschap met b.v. bezoek aan voorbeeldbedrijf) hetzij een themagericht karakter (soort studiedag met kennisoverdracht en discussie over b.v. amfibieën, akkervogels, hoogstamboomgaarden…). De projectmedewerkers zullen ook knelpunten en suggesties bundelen en doorspelen naar het beleid.
top