Sla navigatie over
Departement Leefmilieu, Natuur en Energie
home | contact | sitemap | publicaties | vacatures | english information
  Thema's  
     
  Campagnes  
     
  Doelgroepen  
     
  Over onze organisatie  
     

Jaarlijkse verkeersbelasting

Jaarlijks moet er een verkeersbelasting betaald worden wanneer u als bestuurder van een gemotoriseerd voertuig gebruikmaakt van de openbare weg.

De huidige verkeersbelasting is, naargelang het voertuig, gebaseerd op het vermogen van uw motor, de cilinderinhoud of van de maximaal toegelaten massa (MTM) van het voertuig. 

Personenwagens

Voor personenwagens wordt de belastbare grondslag uiitgedrukt in fiscale PK. Het belastbare vermogen wordt als volgt berekend:

P (belastbaar vermogen) = 4 Cy + Gew/4 waarin: Cy staat voor cilinderinhoud van de motor uitgedrukt in liter: Cy= 3,14 d2 C N / 4, waarin d staat voor uitboring (diameter) van een cilinder; C staat voor slaglengte van een zuiger; N staat voor aantal cilinders.
d en C zijn uitgedrukt in mm; Gew. staat voor gewicht van het rijklaar voertuig, uitgedrukt in honderden kilogram d.w.z. met koetswerk, uitrusting, toebehoren en volle voorraad benzine of andere motorbrandstof, water en smeermiddelen, doch zonder personen of vervoerde goederen. 

De belasting vastgesteld voor de personenauto's, auto’s voor dubbel gebruik en minibussen evenals de forfaitaire belasting zijn gekoppeld aan de schommelingen van het algemene indexcijfer der consumptieprijzen. De aanpassing geschiedt jaarlijks met ingang van 1 juli op grond van het verschil tussen het indexcijfer van de maanden mei van het vorige en het lopende jaar. De geïndexeerde bedragen mogen met maximum 0,11 EUR worden verlaagd om ze deelbaar te maken door 12. Er wordt ten behoeve van de gemeenten tevens een opdeciem geheven op de verkeersbelasting (10%). 

De tarieven kan u hier raadplegen.

Vrachtwagens

Wanneer de MTM (maximaal toegelaten massa) 3.500 kg overschrijdt wordt de huidige verkeersbelasting afhankelijk van het aantal assen van het voertuig en de aard van de ophanging bepaald. De bedragen variëren tussen 59,97 euro (vrachtwagen van 3,501 kg met één of twee assen), tot 844,70 voor vrachtwagens van meer dan 43 ton met 3 + 2 assen. 

In het kader van richtlijn 1999/62/EG betreffende het in rekening brengen van het gebruik van bepaalde infrastructuurvoorzieningen aan zware voertuigen (Eurovignet richtlijn) zijn er Europese minima bepaald voor de verkeersbelastingen voor voertuigen van 12 ton of meer. De minimum bedragen variëren tussen 31 en 929 euro per jaar. De huidige tarieven voor bepaalde categorieën vrachtwagens liggen erg dicht bij de minimum tarieven. Voor deze categorieën worden de minimum tarieven enkel gerespecteerd voor het bedrag, inclusief opdeciem (10% gemeentelijke toelage).

De tarieven vindt u in hoofdstuk V van het Wetboek van de met de inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen.

Vrijstellingen

Met uitzondering van de motorvoertuigen en van de samengestelde voertuigen gebruikt voor het vervoer van goederen over de weg, met een maximaal toegelaten massa van minstens 12 ton, zijn van de belasting vrijgesteld:

  • de voertuigen uitsluitend gebruikt voor een openbare dienst van de Staat, de gemeenschappen, de Gewesten, de provincies, de agglomeraties of de gemeenten;
  • de ziekenauto's en de voertuigen als persoonlijk vervoermiddel gebruikt door grootoorlogsinvaliden of door gebrekkigen;
  • de voertuigen uitsluitend op proef gebruikt door de fabrikanten of handelaars of door hun bedienden;
  • de autovoertuigen die uitsluitend aangewend worden, hetzij tot een taxidienst, hetzij tot verhuring met bestuurder;
  • de autovoertuigen gebruikt door een Belgische verblijfhouder en ter zijner beschikking gesteld door zijn in het buitenland gevestigde werkgever en die er zijn ingeschreven;
  • de motorvoertuigen en de samengestelde voertuigen uitsluitend bestemd voor het goederenvervoer over de weg die slechts af en toe op de openbare weg in België rijden en die worden gebruikt door natuurlijke of rechtspersonen die het goederenvervoer niet als hoofdactiviteit hebben, mits het vervoer door deze motorvoertuigen en de samengestelde voertuigen niet leidt tot concurrentievervalsing.

Oldtimers

De personenauto's en de auto's voor dubbel gebruik, de minibussen en de motorfietsen, die bij het ontstaan van de belastingschuld sinds meer dan 25 jaar in het verkeer zijn gebracht zijn onderworpen aan een forfaitaire belasting van 23,16 euro waarop index en opdeciem dient toegepast te worden.

Aanvullende verkeersbelasting voor LPG personenwagens

De personenauto's, de auto's voor dubbel gebruik en de minibussen, waarvan de motor, zelfs gedeeltelijk of tijdelijk, gedreven wordt met vloeibaar petroleumgas of andere vloeibare koolwaterstofgassen, zijn onderworpen aan een aanvullende verkeersbelasting respectievelijk ten belope van 89,16 EUR, 148,68 EUR of 208,20 EUR (basisbedragen, niet geïndexeerd), naargelang het belastbaar vermogen niet hoger is dan 7 PK, 8 PK bereikt zonder 13 PK te overschrijden of meer bedraagt dan 13 PK.

Accijnscompenserende belasting voor diesel personenwagens

In het kader van de inspanningen om het overheidstekort te verminderen, werd door de programmawet van 20 december 1995, de accijns op benzine verhoogd. De regering voerde door diezelfde programmawet, met ingang van het aanslagjaar 1996 eveneens een vervangende (compenserende) belasting in op de personenauto’s, auto’s voor dubbel gebruik en minibussen die zijn uitgerust met een dieselmotor, waarvan het bedrag enkel wordt vastgesteld volgens de belastbare kracht en niet volgens het verbruik. De Programmawet van 5 augustus 2003 (BS 7.8.2003) bouwt, door de invoering van nieuwe tarieven, de accijnscompenserende belasting af over een periode van vier jaar vanaf aanslagjaar 2004. Vanaf 2008 dient er dus geen accijnscompenserende belasting betaald te worden voor dieselwagens.