- Info
Steunpunt Milieu en Gezondheid
Eerste generatie Steunpunt Milieu en Gezondheid (2001-2006)
Eind 2000 besliste de Vlaamse Regering om het beleidsondersteunend onderzoek onder te brengen in 13 academische steunpunten, waaronder het eerste generatie Steunpunt Milieu en Gezondheid.
Dit academisch studiecentrum was een consortium van Vlaamse universiteiten en andere partners dat beleidsondersteunend onderzoek naar milieu en gezondheid verrichtte.
Een van de hoofdopdrachten van het eerste generatie Steunpunt Milieu en Gezondheid was het opzetten en uitvoeren van een humane biomonitoringscampagne, daarnaast voorzag het ook in de wetenschappelijke ondersteuning voor het Vlaams Medisch Milieukundig netwerk.
Tussen 2002 en 2006 liep er in Vlaanderen een meetnetwerk dat gebaseerd is op het meten van biomerkers van blootstelling en effect in de mens (Vlaams humaan biomonitoringprogramma). Het meetnetwerk had als doelstelling gegevens te verzamelen over de concentraties aan scheikundige stoffen in bloed/urine en gezondheidseffecten/klachten die mogelijk verband houden met de gemeten milieublootstelling.
De metingen gebeurden in drie verschillende leeftijdsgroepen: pasgeborenen, jongeren (14-15j) en volwassenen (50-65j). De deelnemers woonden in acht aandachtsgebieden met een specifieke milieusituatie: Antwerpse agglomeratie, Gentse agglomeratie, de fruitstreek, landelijke Vlaanderen, regio Albertkanaal, regio Olen, het Antwerpse en Gentse havengebied en het gebied rond verbrandingsovens.
Tevens werden een aantal gerelateerde en bijkomende studies uitgevoerd rond bv endocriene verstoring, de neuropsychologische ontwikkeling van de pasgeborenen en het voorkomen van astma en allergie bij dezelfde leeftijdsgroep.
Tweede generatie Steunpunt Milieu en Gezondheid (2007-2011)
Begin 2007 werd een beheersovereenkomst afgesloten voor het tweede generatie steunpunt Milieu en Gezondheid.
Het tweede generatie Steunpunt is een consortium van onderzoeksgroepen van alle Vlaamse universiteiten, de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO), het Provinciaal Instituut voor Hygiƫne (PIH) en het Openbaar Psychiatrisch Ziekenhuis Geel. Hun strategische doelstellingen liggen op het vlak van beleidsondersteuning, surveillance en biomonitoring, toegepast milieu- en gezondheidsonderzoek en sociaal en gezondheidseconomisch onderzoek.
Een nieuw biomonitoringsprogramma is in belangrijke mate gestoeld op de ervaring en kennis die gedurende het vorige steunpunt 2001-2006 werden vergaard. 
De monitoring van de blootstelling aan milieupolluenten heeft als doelstelling een referentiebasis op te stellen voor de aanwezigheid van polluenten in de Vlaamse bevolking. Deze gegevens worden verzameld op een representatieve manier over gans Vlaanderen en voor geselecteerde leeftijdsgroepen. Er zal voor dit luik bijgevolg afgeweken worden van de acht aandachtsgebieden zoals bemonsterd in het eerste generatie steunpunt, waar goed gekarakteriseerde polluenten zoals zware metalen en POPs werden gemonitord. Het nieuwe initiatief zal ook aandacht schenken aan nieuwe stoffen die gedurende de laatste decennia in het milieu terecht gekomen zijn en waarvan we nog veel minder gegevens hebben over de humane blootstelling.
De link met REACH wordt actief opgevolgd binnen de stuurgroep van het steunpunt.
Naast de monitoring van ‘algemeen Vlaanderen’ omvat het programma ook de monitoring inzake “hot spots”, nog nader te bepalen risicogebieden en risicogroepen. Voor de selectie van deze hot spots wordt een transparante en deliberatieve procedure ontwikkeld in het steunpunt. Bij beide deelaspecten van het humaan biomonitoringprogramma zal bij de deelnemers via vragenlijsten gepeild worden naar de impact van sociale ongelijkheid op de link tussen milieu en gezondheid en naar de perceptie van de deelnemers inzake de milieu- en gezondheidsproblematiek.
Naast het aspect ‘zuivere monitoring’ biedt het biomonitoringsprogramma ook de gelegenheid om bepaalde onderzoeksvragen te beantwoorden en onze kennis te vergroten. Het combineert dus zowel surveillance- als onderzoeksaspecten, zoals deelonderzoeken rond fijn stof en hormoonverstoorders.
In het onderzoek naar fijn stof wordt de nadruk gelegd op het ontwikkelen van een blootstellingsmerker die ook op het biomonitoringsprogramma kan worden ingezet. Daarnaast zal het effect van bloedstolling en plaatjesfunctie worden nagegaan bij personen met diabetes. In een aantal deelonderzoeken zal verder de impact worden geschat van fijn stof bij pasgeborenen op o.a. het geboortegewicht. In het onderzoek naar hormoonverstoorders wordt de nadruk gelegd op de verminderde fertiliteit die zowel bij mannen als vrouwen kan optreden tengevolge van verhoogde blootstelling aan zulke verstoorders (organochloorverbindingen, ftalaten, fenolen, etc.).
Een volgend aspect van het steunpunt vormt de vraagbaak. De vraagbaak dient als het aanspreekpunt van de overheid voor korte termijnvragen maar ook meer diepgaande literatuurstudies over relevante en belangrijke milieu- en gezondheidsthema’s.
Voor het gebruik van de biomonitoringsresultaten ten behoeve van een gericht milieu- en gezondheidsbeleid zal het fasenplan van start gaan wanneer de eerste resultaten van de tweede generatie biomonitoring verwacht worden, begin 2010.
Door middel van de externe communicatiestrategie wordt er open en transparant gecommuniceerd met de burgers en intermediairen betreffende het onderzoeksprogramma en de onderzoeksresultaten verkregen in het kader van het steunpunt. De website van het steunpunt www.milieu-en-gezondheid.be met de driemaandelijkse nieuwsbrief ( ‘de biomonitor’) maken hiervan deel uit.