Sla navigatie over
www.lne.be
home | contact | sitemap | publicaties | vacatures | english information
  Situering  
     
  Adaptatie  
     
  Vlaams Klimaatbeleidsplan 2006-2012  
     
  Vlaams Klimaatbeleidsplan 2013-2020  
     
  CO2-emissiehandel  
     
  Flexibele mechanismen  
     
  CO2 verminderen: doe mee!  
     
  Verdunning van de ozonlaag  
     
  Klimaatbeleid  
     
U bent hier: www.lne.be Thema's Klimaatverandering Vlaams Klimaatbeleidsplan 2013-2020

Het Vlaams klimaatbeleid na 2012

Derde Vlaams Klimaatbeleidsplan

Internationaal en Europees kader

Het Vlaams Mitigatieplan (VMP) 2013-2020

Het Vlaams Adaptatieplan (VAP)

Extra informatie

 

Derde Vlaams Klimaatbeleidsplan

Op 1 juli 2011 hechtte de Vlaamse Regering haar goedkeuring aan de conceptnota met het voorbereidingstraject van het derde Vlaams Klimaatbeleidsplan (pdf, 1,1Mb).

Het Vlaams klimaatbeleid na 2012 zal voortbouwen op het VKP 2006-2012 met, zoals voorzien in het Vlaams Regeerakkoord 2009-2014 en de Beleidsnota Leefmilieu en Natuur 2009-2014, een derde Vlaams Klimaatbeleidsplan met twee afzonderlijke maar onderling goed afgestemde luiken:
 

  • Het Vlaams Mitigatieplan (VMP) heeft tot doel om de uitstoot van broeikasgassen in Vlaanderen tussen 2013 en 2020 te reduceren en zo de klimaatverandering tegen te gaan. In overleg met het middenveld zal tegen 2012 een Vlaams Mitigatieplan opgesteld worden op grond van het Europese klimaatbeleid, het VKP 2006-2012, de voortgangsrapporten en de adviezen van de Minaraad en SERV. Na de realisatie van de Vlaamse Kyoto-doelstelling in de periode 2008-2012 breekt immers een volgende fase aan voor het Vlaams klimaatbeleid. Tegen 2020 zal een verdergaande verlaging van de broeikasgasemissies gerealiseerd moeten worden conform de voor Vlaanderen in het kader van de Europese klimaatwetgeving vast te stellen doelen. Deze uitdaging vraagt om een doorgedreven en ambitieuze mitigatiestrategie, op basis van zowel een verdieping als een verbreding van het lopende klimaatbeleid.

  • Het Vlaams Adaptatieplan (VAP) heeft tot doel Vlaanderen in staat te stellen om de negatieve effecten van de klimaatverandering te verminderen en de positieve effecten effectief te benutten. Tegen 2012 zal, zoals aangekondigd in het Pact 2020, het VKP 2006-2012, het MINA-plan 4 en de Nationale Adaptatiestrategie van 2010, een eerste Vlaams Adaptatieplan opgesteld worden. Ook hier biedt het Europese beleid een duidelijk kader, met het witboek Aanpassing aan de klimaatverandering: naar een Europees actiekader van de Europese Commissie uit 2009. De Europese Unie wil vanaf 2012 adaptatieplannen verplicht maken voor de lidstaten en in 2013 een Europese strategie publiceren.

De beide plannen worden gekaderd in het ruimere beleid van de Vlaamse overheid. Zo wordt aansluiting gezocht bij het Pact 2020 en Vlaanderen in Actie (ViA) en de verdieping en verbreding daarvan door het stimuleren van transversale samenwerking, alsook bij de vertaling daarvan in de Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling, het MINA-plan 4 en andere relevante beleidsplannen.

Hoewel mitigatie en adaptatie niet los van elkaar te zien zijn, zijn er toch ook een aantal duidelijke verschillen: de tijdshorizon is verschillend, er worden verschillende sectoren beoogd en die verschillende sectoren vragen ook om een verschillende aanpak. Internationaal worden ondanks hun sterke verwevenheid mitigatie en adaptatie gescheiden uitgewerkt. Daarom is ervoor gekozen om te werken met twee plannen die in nauwe wisselwerking met elkaar zullen worden opgesteld.

Top

 

Internationaal en Europees kader

Er bestaat grote wetenschappelijke consensus over het feit dat de globale gemiddelde opwarming van de aarde niet meer dan 2°C mag bedragen als men de effecten van de klimaatverandering beheersbaar wil houden. Om aan deze algemene doelstelling tegemoet te komen, moeten de industrielanden tegen 2050 hun uitstoot van broeikasgassen met minstens 80% verminderen ten aanzien van het niveau van in het basisjaar 1990.

In het Europese Energie- en Klimaatpakket heeft de Europese Unie voor de EU-27 de volgende ambitieuze 20-20-20 doelstellingen voor 2020 vastgelegd:

  • Een vermindering van het energiegebruik met 20% door efficiënter gebruik ten opzichte van het verwachte niveau in 2020 bij ongewijzigd beleid (indicatieve doelstelling);
  • Een stijging van het aandeel van hernieuwbare energiebronnen in het bruto eindgebruik tot 20%. Voor België stelt Europa deze doelstelling vast op 13%. Voor transport geldt een specifieke doelstelling van minstens 10% hernieuwbare energie op het totale energiegebruik voor vervoer.
  • Een vermindering van de uitstoot van broeikasgassen met minstens 20% ten opzichte van 1990.

Deze laatste doelstelling van vermindering van de uitstoot van broeikasgassen werd op Europees niveau verder opgesplitst:
 

opsplitsing ets en niet-ets op eu-niveau


De lidstaten krijgen enkel een individuele doelstelling voor die sectoren die niet onder het Europees emissiehandelssysteem vallen. Voor België werd die doelstelling vastgelegd in Beschikking 406/2009/EG (de zogenaamde Effort Sharing Decision of ESD) op een vermindering van de uitstoot van broeikasgassen in de niet-ETS sectoren met minstens 15% in 2020 ten opzichte van 2005.

Voor de periode 2013-2020 worden jaarlijkse reductiedoelstellingen opgelegd in de niet-ETS sectoren volgens een lineair afnemend pad vanaf 2013:
 

lineair reductiepad niet-ets broeikasgasemissies 2013-2020


De Europese Commissie heeft op 8 maart 2011 de Mededeling A Roadmap for Moving to a Competitive Low Carbon Economy in 2050 gepubliceerd. Op basis van modellen werden een aantal scenario’s onderzocht om tegen 2050 de emissies van broeikasgassen sterk te reduceren in lijn met wat de wetenschap voorschrijft om de opwarming te beperken tot maximaal 2°C t.o.v. het pre-industriële niveau. Dit betekent concreet een emissiereductie van 80 tot 95% in 2050. In de analyse ligt de nadruk op het op een kostenefficiënte manier realiseren van de reducties. Om de doelstelling tegen 2050 te halen op een kostenefficiënte manier, werd becijferd dat de emissies in 2020 met 25%, in 2030 met 40% en in 2040 met 60% zouden moeten worden gereduceerd. Door een golf aan nieuwe investeringen, zou het ritme van emissiereducties gaandeweg worden opgedreven.

Top

 

Het Vlaams Mitigatieplan (VMP) 2013-2020

De Belgische niet-ETS doelstelling (-15%) uit het Europese Energie- en Klimaatpakket is nog niet vertaald naar een Vlaamse doelstelling. Deze vertaalslag dient te worden doorgevoerd door middel van een intra-Belgische inspanningsverdeling. Als gevolg van de federale regeringsvorming na de verkiezingen van 13 juni 2010 liepen de besprekingen hierover met de federale overheid en de andere gewesten vertraging op.

Met het VMP 2013-2020 zal op Vlaams niveau invulling geven worden aan bovenvermelde niet-ETS doelstelling. Volgende sectoren maken samen het toepassingsgebied uit van de niet-ETS doelstelling: Landbouw, Transport, Gebouwen (residentieel en tertiair) en niet-ETS Industrie en Energie.

Top

 

Het Vlaams Adaptatieplan (VAP)

Ook Vlaanderen zal in de toekomst gevat worden door klimaatveranderingen. Enkele van de meest kwetsbare punten voor Vlaanderen zijn de zeespiegelstijging, de piekdebieten door hevige neerslag en verdroging en verstedelijking in combinatie met hitte in de zomer. Als er niet accuraat wordt gereageerd, zal dit negatieve gevolgen hebben voor de Vlaamse economie, ecologie en volksgezondheid.

Meer informatie rond het VAP vindt u op onze adaptatiepagina's.

Top


Extra informatie