Sla navigatie over
www.lne.be
home | contact | sitemap | publicaties | vacatures | english information
  Milieuhinder en -klachten  
     
  Geluidshinder  
     
  Geurhinder  
     
  Lichthinder  
     
  Stiltegebieden  
     
U bent hier: www.lne.be Thema's Hinder en risico's Geurhinder Regelgeving Mestdecreet

Mest uitspreiden: wanneer en hoe?

mestinjector

De plaatsen, perioden en omstandigheden waar meststoffen mogen worden verspreid, zijn strikt gereglementeerd in het mestdecreet.
 
Zo verbiedt art. 8 van het mestdecreet het op of in de bodem brengen van dierlijke mest, andere meststoffen en kunstmest vanaf 1 september tot en met 15 februari. Dit verbod geldt eveneens op alle zon- en feestdagen en in de Noordzeekustzone op alle zaterdagen, zon- en feestdagen (geldt niet voor kunstmest), en voor zonsopgang en na zonsondergang.
Afwijkingen op deze regel zijn er onder meer voor stalmest of champost, voor dierlijke mest die wordt aangebracht op zware kleigronden in de polders, voor bepaalde vormen van andere meststoffen en bewerkte dierlijke mest, voor specifieke teelten.
 
In artikel 22 zijn de methoden omschreven voor het op of in de bodem brengen van meststoffen (emissiearme aanwending). Op grasland moeten de dierlijke mest of andere meststoffen worden opgebracht door middel van zode-injectie, sleepstangtechniek of sleufkouter. Op niet-beteelde landbouwgrond moet de mest worden opgebracht door middel van mestinjectie of d.m.v. het in twee opeenvolgende werkgangen uitspreiden en inwerken van de mest, waarbij de mest binnen de twee uur na het uitspreiden moet zijn ingewerkt. Op zaterdagen is het verplicht om de dierlijke mest onmiddellijk in te werken. Op beteelde landbouwgronden, andere dan grasland, moet de mest worden opgebracht d.m.v. mestinjectie of d.m.v. de sleepstangtechniek. Voor ammoniakarme meststoffen, stalmest, champost, spuistroom en compost zijn er uitzonderingen op deze regels voorzien.