|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| home | contact | sitemap | publicaties | vacatures | english information | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
visie op duurzaam wonen en bouwen
Bouwstenen voor een visie duurzaam wonen en bouwen in Vlaanderen 2030 In 2006 werd samen met de verschillende partners van de transitiearena een visie duurzaam wonen en bouwen in Vlaanderen 2030 uitgeschreven. Deze visie is geformuleerd op basis van een uitgebreide studie (systeemanalyse) en vormt het kader voor de verdere stappen om tot een duurzaam wonen en bouwen te komen. 1. Visie Duurzaam Wonen en Bouwen in Vlaanderen 2030 : de uitgangspunten De visie voor een duurzaam woon- en bouwsysteem bestaat uit de volgende centrale bouwstenen:
Het beheer en de ontwikkeling van het wonen en bouwen vinden plaats op basis van dezelfde onderliggende en algemeen aanvaarde uitgangspunten. Het proces van het beheren en het ontwikkelen van het systeem wordt gezien als een proces van co-productie, waarbij uiteenlopende mensen centraal staan en een rol spelen. Hierdoor ontwikkelt het systeem zich als een ‘gepland organisch geheel’ gericht op een positieve ontwikkeling van economische, technologische, sociale, culturele, institutionele en ecologische aspecten van alle schakels in de keten. Met positieve ontwikkeling wordt bedoeld dat het zowel vanuit sociaal-cultureel, als ecologisch en economisch oogpunt een wenselijke ontwikkeling betreft, niet alleen wat betreft de ontwikkelingen van alle afzonderlijke aspecten, maar juist ook de ontwikkeling van de aspecten in samenhang (de synergie). De (positieve en negatieve) invloeden van het bouwproces op de maatschappij wordt expliciet in de belangenafweging betrokken.
Verschillende actoren nemen hun verantwoordelijkheid. Wonen en bouwen wordt gevoeld als een gedeelde verantwoordelijkheid. De betrokkenheid en participatie van alle actoren bij het onderhoud en de vormgeving van dit systeem is cruciaal en zorgt voor groot maatschappelijk draagvlak. De besluitvorming is transparant en wordt gebaseerd op de dan beschikbare kennis. Transparantie heeft te maken met een open overheidsstructuur. De overheid geeft en krijgt vertrouwen. De overheid heeft een rol als veranderingsagent. Individuele vrijheid is gewaarborgd door maatschappelijke verantwoordelijkheid. Deze gedeelde verantwoordelijkheid is gefundeerd op afstemming, eerlijkheid, vertrouwen, openheid en toegankelijkheid.
Zowel de woningen als de leefomgeving zijn van een hoog kwaliteitsniveau. De woningen zijn kwalitatief van hoog niveau wat betreft bouw, onderhoud en gebruik, met kwaliteitsnormen m.b.t. gezondheidsaspecten, comfort, ruimte, energieprestatie, gebruik van duurzame en gezonde bouwmaterialen,… Ook de leefomgeving biedt eenzelfde hoog kwaliteitsniveau door een gevarieerde, zorgzame, gezonde en veilige leefomgeving. De wijk is voldoende uitgerust zodat voor iedereen de basisvoorzieningen binnen loopafstand bereikbaar zijn. De ruimtelijke inrichting gebeurt in harmonie met de gebouwde omgeving en de natuurlijke structuur van het landschap met respect voor en integratie van waardevolle bouwstenen uit het heden en verleden.
Zowel het fysieke woningaanbod als de woondienstverlening zijn voor iedereen toegankelijk en op maat van zijn behoefte. Passend wonen is een recht. Er is voor iedereen betaalbare en toegankelijke (ook fysiek) woonruimte te vinden en ook voor de sociaal zwakkeren zijn voorzieningen ruim aanwezig. Er is een algemene toegang voor duurzame wooninstallaties zowel m.b.t. prijs, beschikbaarheid, prestaties, kwaliteitsgaranties, betrouwbaarheid en begrijpbaarheid (om duurzame keuzes te kunnen maken over bouwelementen in relatie met de gehele wooninstallatie en het gebruik tijdens bewoning). De nodige kennis wordt hiervoor bij alle betrokken partijen opgebouwd.
Wonen vraagt een plek die, individueel of collectief, kan worden ingevuld. Iedereen heeft een oppervlakte ruimte voor privégebruik, maar daarnaast is er een nieuwe invulling gegeven aan de multifunctionele gemeenschappelijke ruimte. Er is een juiste balans tussen privaat, semi-publiek en publiek gebruik. Over de inrichting en het gebruik van de (semi-)publieke ruimte wordt op het buurtniveau mee beslist en verantwoordelijkheid genomen. Nieuwe woonvormen en vormen van ruimtegebruik zijn belangrijk: samen wonen, woondiensten, (deel)tuinen, (deel)parken … Er bestaat een diversiteit aan woonvormen en ontmoetingsruimten. De nutsvoorzieningen (energie, water, e.a. ) en diensten (uitrusting van de buurt, collectief vervoer, zorg en beheer) worden efficiënt en op de juiste schaal uitgebouwd en beheerd.
In de bouw, onderhoud en renovatie van gebouwen worden duurzame bouwconcepten gebruikt waarbij materialen en producten gebruikt worden die ethisch, sociaal, economisch en ecologisch verantwoord zijn over de ganse levenscyclus. Duurzame grondstoffen (bvb hernieuwbare, herbruikbare,…) worden ingezet en er wordt op een duurzame wijze omgesprongen met water en energie. Dit draagt bij aan de verdere absolute ontkoppeling van economische groei en milieudruk. In eerste instantie dienen de fysieke stromen (o.a. van water, energie en materialen) van het wonen worden beheerst door rationeel gebruik, afstemming met andere kringlopen en weloverwogen keuzes tijdens het bouwproces. Daarnaast wordt er zuinig omgegaan met de materialen, energie en water tijdens het bouwproces. De kringlopen (van natuurlijke hulpbronnen) worden meer gesloten. De emissies en afvalproductie zijn radicaal teruggedrongen.
De bouwsector is economisch gezond en heeft veel aandacht voor en een groot aanbod van duurzame ruimtelijke concepten, bouwmaterialen, bouwconcepten, wooninstallaties en woondiensten. Door een gezonde concurrentie en een gestegen vraag kunnen deze tegen democratische prijzen worden aangeboden. De bouwsector zelf functioneert op een maatschappelijk verantwoorde en verantwoordelijke wijze en steunt op degelijke vorming en opleiding,. Er is ruimte voor innovatie en creativiteit.
2. Begrippen Bouwcyclus : is de levensloop vanaf concipiëren, vervaardigen, gebruik tot sloop van een gebouw. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||