Welke werken worden gesubsidieerd?
Hoeveel bedraagt de subsidie?
Van subsidieaanvraag tot uitvoering...
Stand van zaken
Ontwerpteksten Code van Goede Praktijk
Welke werken worden gesubsidieerd?
Met kleinschalige erosiebestrijdingswerken worden inrichtingen bedoeld, die de water- en sedimentafvoer zo hoog mogelijk in het stroomgebied bufferen, eventueel gevolgd door werken om modderoverlast te beperken. Voorbeelden van kleinschalige inrichtingswerken zijn erosiepoelen, dammen, buffergrachten en kleine bufferbekkens. Ook grasgangen en grasbufferstroken komen in aanmerking voor subsidie. De hoofddoelstelling is het oppervlakkig afspoelende water zo veel mogelijk op het perceel of zo snel mogelijk na het verlaten van de percelen op te vangen, zodat de erosieve werking van het water vermindert, de sedimentlast kan bezinken en het water kan infiltreren of gecontroleerd kan worden afgevoerd.
Sinds 2005 kunnen erosiebestrijdingswerken enkel gesubsidieerd worden wanneer ze beschreven staan in een goedgekeurd gemeentelijk erosiebestrijdingsplan. Voor gemeenten die nog niet gestart zijn met de opmaak van een gemeentelijk erosiebestrijdingsplan, is de opmaak van dergelijk plan de eerste stap. Gemeenten die een knelpunt willen aanpakken dat niet beschreven staat in hun gemeentelijk erosiebestrijdingplan, dienen eerst een aanpassing van hun plan te verantwoorden.
Een gemeente kan niet alleen op haar eigen grondgebied erosiebestrijdingswerken uitvoeren, maar ook op het grondgebied van een aanpalende gemeente. Als voorwaarde geldt dat de werken beschreven staan in het goedgekeurde gemeentelijk erosiebestrijdingsplan van deze aanpalende gemeente.
Terug
Hoeveel bedraagt de subsidie?
Voor kleinschalige erosiebestrijdingswerken kan een gemeente een subsidie aanvragen ten bedrage van 75% van de totale investeringskosten. Onder de totale investeringskosten worden de volgende posten gerekend:
- de kosten voor de uitvoering van de werken;
- een forfait van 7% (gerekend op de kosten voor de uitvoering), ter compensatie van de algemene kosten van de aanneming;
- de kosten van de grondinname (vergoeding eigenaars, vergoeding gebruikers).
De erosiebestrijdingswerken moeten gedurende een periode van 20 jaar in stand gehouden worden. Dit moet duidelijk blijken uit de overeenkomsten die met de eigenaars en gebruikers worden afgesloten.
Terug
Van subsidieaanvraag tot uitvoering…
Stap 1: Het indienen van een principeaanvraag
Wanneer een gemeente een subsidie voor erosiebestrijdingswerken wenst aan te vragen, dient zij een principeaanvraag in bij de Dienst Land en Bodembescherming. De principeaanvraag bevat de volgende elementen:
- Probleemstelling en verantwoording;
- Concept van de werken;
- Kostenraming;
- Overzicht van de nodige vergunningen en machtigingen;
- Situering van de werken op kaart.
Verdere richtlijnen voor het opstellen van een principeaanvraag kunnen in onderstaand document geraadpleegd worden:
Leidraad principeaanvraag (pdf - 450 kB) (nieuw venster)
Opgelet: De deadline voor het indienen van principeaanvragen voor het investeringsprogramma van het volgende jaar is 30 september. |
De ingediende principeaanvragen worden gerangschikt in het investeringsprogramma. De rangschikking gebeurt op basis van de criteria die in het Erosiebesluit vermeld staan. Het investeringsprogramma bestaat uit een basisprogramma en een reserveprogramma. Projecten uit het reserveprogramma komen in aanmerking wanneer voor onvoldoende projecten uit het basisprogramma een definitieve aanvraag wordt ingediend.
Stap 2: Het indienen van een definitieve aanvraag
Na de bekendmaking van het investeringsprogramma kunnen de gemeenten een definitieve aanvraag voor hun project indienen. De definitieve aanvraag bevat de volgende elementen:
Ontwerpdossier (plannen, bestek, samenvattende opmetingsstaat en gedetailleerde kostenraming);
Vergunningen en/of machtigingen (of het bewijs van de aanvraag hiervan);
Gedetailleerde kostenraming van de kosten van de grondinname en de vergoeding van de gebruikers;
Ondertekende overeenkomsten met eigenaars, gebruikers en houders van zakelijke rechten.
Opgelet: De definitieve aanvragen worden bij voorkeur vóór 30 september ingediend; na deze datum kan de minister beslissen het saldo van de begroting te besteden aan projecten van het reserveprogramma. |
Indien de gemeente beslist geen definitieve aanvraag in te dienen in het lopende investeringsjaar, wordt de Dienst Land en Bodembescherming hiervan schriftelijk op de hoogte gebracht. In haar schrijven vermeldt de gemeente of zij wenst dat het project wordt overgedragen naar het investeringsprogramma van het volgende jaar.
De ingediende definitieve aanvragen worden behandeld in de volgorde van het investeringsprogramma tot uitputting van het jaarbudget. Indien de subsidie wordt toegekend, wordt de gemeente hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld na ontvangst van een afschrift van de vereiste vergunningen of machtigingen.
De definitieve aanvragen waarvoor geen subsidie wordt verleend, worden automatisch gevoegd bij de principeaanvragen voor het volgende investeringsprogramma en worden samen met de nieuw ingediende principeaanvragen gerangschikt.
Stap 3: De uitvoering van de werken
Zodra zij de beslissing tot het verlenen van de subsidie heeft ontvangen, kan de gemeente de gunningsprocedure starten.
Vóór de aanvang van de werken stuurt de gemeente een afschrift van de gunning van de werken en het bevel tot aanvang van de werken naar de Dienst Land en Bodembescherming.
Wanneer wijzigingen aan het ontwerpdossier noodzakelijk blijken, kunnen deze gesubsidieerd worden indien vóór de uitvoering ervan de schriftelijke goedkeuring wordt gevraagd aan de Dienst Land en Bodembescherming. Als bijkomende voorwaarde geldt dat het bedrag van de goedgekeurde kostenraming van de werken niet wordt overschreden.
Stap 4: Het aanvragen van de uitbetaling van de subsidie
Tijdens de uitvoering van de werken kan de gemeente een voorschot van 60% van de goedgekeurde subsidie aanvragen op het ogenblik dat minstens 20% van de werken uitgevoerd is. De aanvraag van de uitbetaling van het voorschot moet de volgende elementen bevatten:
Goedgekeurde inschrijving;
Bewijs van betaling van minstens 20% van het bedrag van de inschrijving, samen met de bijbehorende vorderingsstaten en facturen.
Het saldo van de subsidie wordt betaald aan de gemeente na de goedkeuring van de ingediende eindafrekening. De aanvraag tot uitbetaling van het saldo moet de volgende elementen bevatten:
- Eindafrekening betreffende de uitgevoerde hoeveelheden;
- Eindvorderingsstaat;
- Factuur van de aannemer, die hoort bij de eindvorderingsstaat;
- Proces-verbaal van voorlopige oplevering;
- Overzicht van de uitvoeringstermijn;
- Stavende stukken van de kosten van de grondinname (vergoeding eigenaars): overeenkomsten, betalingsbewijzen;
- Stavende stukken van de vergoeding van de gebruikers: overeenkomsten, betalingsbewijzen;
- Plan van de uitgevoerde werken.
En indien geen voorschot werd aangevraagd:
- Goedgekeurde inschrijving van de aannemer.
De aanvraag voor de uitbetaling van het saldo moet ingediend worden aan de hand van onderstaand aanvraagformulier:
Formulier uitbetaling saldo (doc - 61kB) (nieuw venster)
Het plan van de uitgevoerde werken omvat:
- Topografische kaart waarop de gerealiseerde maatregelen worden gesitueerd;
- Per maatregel de relevante informatie;
- Indien beschikbaar: digitale foto’s van de maatregelen.
Een leidraad voor het opstellen van een plan van de uitgevoerde werken wordt hier ter beschikking gesteld:
Leidraad as-built plan (pdf - 469,7 kB) (nieuw venster)
Stand van zaken
Gedurende de eerste jaren na de inwerkingtreding van het Erosiebesluit werden voornamelijk subsidies verleend voor de opmaak van gemeentelijke erosiebestrijdingsplannen. Nu de meeste erosiegevoelige gemeenten beschikken over een goedgekeurd erosiebestrijdingsplan, wordt verwacht dat de uitvoering van erosiebestrijdingswerken sterk zal toenemen.
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de uitgevoerde of in uitvoering zijnde projecten per provincie (laatste update: maart 2009):
Gemeentelijke erosiebestrijdingswerken per provincie| Aantal projecten | 2002 | 2003 | 2004 | 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | Totaal | IP 2009 |
Limburg Vlaams-Brabant Oost-Vlaanderen West-Vlaanderen | 11 4 0 0 | 2 4 2 0 | 9 3 2 1 | 2 4 3 0 | 6 4 0 1 | 2 3 0 3 | 5 3 0 2 | 37 25 7 7 | 31 28 9 18 |
| Totaal | 15 | 8 | 15 | 9 | 11 | 8 | 10 | 76 | 86 |
In het investeringsprogramma van 2009 (IP 2009) werden 91 aanvragen voor de uitvoering van erosiebestrijdingswerken opgenomen.
Terug
Ontwerpteksten Code van Goede Praktijk
De dienst Land en Bodembescherming werkt aan een code van goede praktijk voor erosiebestrijdingswerken. De ontwerpteksten worden onder voorbehoud bekendgemaakt, om de geïnteresseerde personen de kans te geven om suggesties voor verbeteringen en aanvullingen te bezorgen aan de dienst Land en Bodembescherming (liesbeth.vandekerckhove@lne.vlaanderen.be). De ontvangen suggesties zullen besproken worden op een workshop in de tweede week van de maand september 2009. Alle personen die concrete suggesties indienen vóór 1 september 2009, kunnen zich aanmelden voor de workshop. Het maximale aantal deelnemers bedraagt 30 personen.
| INHOUDSTAFEL (pdf 27 kB, nieuw venster) |
| INLEIDING (pdf 42 kB, nieuw venster) |
| DEEL 1: TECHNISCHE BEPALINGEN |
| | Hoofdstuk I: Grasbufferstroken (pdf 5 MB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk II: Grasgangen (pdf 2 MB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk III: Bescherming en herstel van taluds (pdf 3MB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk IV: Kleine landschapselementen (hagen, heggen en houtkanten) (pdf 2,7 MB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk V: Dammen uit plantaardige materialen (pdf 400 kB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk VI: Aarden damconstructies (pdf 17 MB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk VII: Bufferbekkens (pdf 5 MB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk VIII: Buffergrachten (pdf 3 MB, nieuw venster) |
| |
| DEEL 2: JURIDISCHE BEPALINGEN |
| | Hoofdstuk I: Juridische bepalingen bij de grondinname (pdf 80 kB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk II: Juridische bepalingen bij sedimentruiming uit erosiebestrijdingswerken (pdf 76 kB, nieuw venster) |
| |
| DEEL 3: ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN |
| | Hoofdstuk I: Subsidiebedrag en procedureverloop (pdf 66 kB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk II: Dossiersamenstelling principe aanvraag (pdf 53 kB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk III: Dossiersamenstelling definitieve aanvraag (pdf 50 kB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk IV: Dossiersamenstelling aanvraag tot betaling voorschot (pdf 46 kB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk V: Dossiersamenstelling aanvraag tot betaling saldo (pdf 53kB, nieuw venster) |
| | Hoofdstuk VI: Richtlijnen as-built plan (in opmaak) |
| |
| BIJLAGEN |
| | Bijlage I: Onderhandse overeenkomst van recht van opstal (pdf 76 kB, nieuw venster) |
| | Bijlage II: Overeenkomst gebruiker (pdf 107 kB, nieuw venster) |
| |
Terug
Contactpersoon: Petra Deproost
E-mail: petra.deproost@lne.vlaanderen.be