|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| home | contact | sitemap | publicaties | vacatures | english information | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Focus van het multilaterale milieu- en energiebeleid
De multilaterale besluitvorming heeft grote impact op de Vlaamse beleidsvoering. De impact is vooral sterk bij bindende multilaterale afspraken, zoals akkoorden in het kader van de Wereldhandelsorganisatie of internationale milieuverdragen (“Multilateral Environmental Agreements”, MEA’s). Daarom is het cruciaal dat Vlaanderen zich in deze multilaterale context inschakelt, de multilaterale besluitvorming van nabij opvolgt en zijn belangen tijdens de onderhandelingen nauwgezet bewaakt. Het Vlaams multilateraal beleid wordt daarom verder uitgebouwd via een proactieve aanwezigheidspolitiek waarbij Vlaanderen de besluitvorming zal beïnvloeden. Door de grote impact van de multilaterale besluitvorming op tal van Vlaamse beleidsdomeinen is het belangrijk dat in deze beleidsdomeinen multilaterale dossiers reeds in de fase van beleidsvoorbereiding de nodige politieke opvolging krijgen. Volgende organisaties worden prioritair opgevolgd door het Departement internationaal Vlaanderen (DiV): Wereldhandelsorganisatie (WTO), UNESCO, Raad van Europa, Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), UNAIDS, OESO en Internationale Arbeidsorganisatie (ILO). Het Beleidsdomein LNE streeft naar een zo groot mogelijke synergie en samenwerking met DiV. Het Beleidsdomein LNE zal volledig in lijn met de hierboven geschetste uitgangspunten de belangrijkste leefmilieu-, natuur- en energieorganisaties en –dossiers op het multilaterale niveau opvolgen. Inhoudelijk focust het Beleidsdomein LNE op de opvolging van de beheersvergaderingen van de multilaterale organisaties die actief zijn inzake leefmilieu, natuur en energie. Concreet gaat het dan over de UN General Assembly voor wat betreft het luik onder Agenda 21, UNEP Governing Council, UNECE CEP, OESO EPOC en IEA en IRENA (zie verder). Hier wordt het werkprogramma in de verschillende organisaties besproken en kan dus in een vroeg stadium opgemaakt worden welke activiteiten/werkgroepen voor Vlaanderen eventueel interessant, nuttig en essentieel zijn om op te volgen. Daarnaast focust het beleidsdomein zich op de voorbereiding en opvolging van mondiale en pan-Europese verdragen en -protocols inzake biodiversiteit, klimaat, chemische producten, afval, luchtverontreiniging, openbaarheid van milieu-informatie, bossen, water …. Ook horizontale onderwerpen als “compliance”, budget of financiering worden van nabij opgevolgd. Na de inwerkingtreding beschikt een verdrag over een eigen besluitvormingsorgaan en werkingsstructuren. Vervolgens wordt onder impuls van deze nieuwe structuur aandacht gegeven aan de uitvoering van wat in het verdrag overeengekomen werd. Zo kunnen specifieke werkgroepen opgericht worden rond de uitvoering van het verdrag, de naleving ervan, wetenschappelijke ondersteuning, capacity building, … waar de “experten” concrete maatregelen uitwerken die op de COP aan het politieke niveau te goedkeuring worden voorgelegd. Naast de juridisch bindende beleidsinstrumenten bestaan er nog andere instrumenten zoals richtlijnen, strategieën, kaders, charters,… Zo werden in de schoot van UNEP en van UNECE richtlijnen omtrent 'nalevingsmechanismen' ontwikkeld. Bijzondere aandacht gaat ook naar de opvolging van de leefmilieuaspecten binnen Duurzame Ontwikkeling en de opvolging van de Earth Summit in 1992 in Rio de Janeiro. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||