Sla navigatie over
www.lne.be
home | contact | sitemap | publicaties | vacatures | english information
  Over onze organisatie  
     
  Thema's  
     
  Campagnes  
     
  Doelgroepen  
     
U bent hier: www.lne.be Thema's Beleid Beleidsplanning Milieubeleidsplan Milieuthema's Hinder - Verstoring door licht

Hinder - Verstoring door licht

  Zie ook Hinder verstoring door geur
    verstoring door geluid
     

Lichthinder is de overlast die de mens ondervindt van kunstlicht. Dit kan zich uiten in verblinding, verstoring van nachtelijke activiteiten of in een algemeen gevoel van onbehagen. Daarnaast zijn ook fysiologische gevolgen mogelijk, zoals een verstoring van het bioritme. Lichtvervuiling is een verhoogde helderheid van de nachtelijke omgeving door kunstlicht, bv. door lichtbronnen die te fel of te veel licht uitstralen, op het verkeerde moment of in de verkeerde richting stralen. Effecten op dieren zijn onder meer de isolatie van populaties door het barrière-effect van verlichting, en aantrekking en verblinding van dieren met verkeersslachtoffers tot resultaat.

Er bestaan geen internationale afspraken of richtlijnen om lichthinder tegen te gaan. Met de internationale normering van wegverlichting en verlichtingstoestellen wordt een eerste stap gezet om rekening te houden met het aspect lichtvervuiling. De Vlaamse overheid nam al een aantal initiatieven in uitvoering van het in 1997 door de Vlaamse regering goedgekeurde urgentieplan Lichthinder. Een echt lichthinderbeleid ontbreekt vooralsnog. De expertise op het gebied van lichthinderbestrijding is eveneens beperkt.

 

Milieubeleidsplan 2003-2007

 

Langetermijndoelstelling (2020) 

 
 
  • Verminderen van de hemelluminantie van kunstmatige lichtbronnen, zodat ook in Vlaanderen gebieden tot stand worden gebracht waar de natuurlijke hemelluminantie maximaal hersteld wordt
 

Plandoelstelling

 
Plandoelstelling Indicator
Nieuwe lichtvervuiling voorkomen en bestaande lichtvervuiling verminderen Wordt verder ontwikkeld
 
Richtinggevende doelstelling Indicator
In 2007 komen geen gebieden meer voor met een kunstmatige hemelluminantie groter dan 9 keer de natuurlijke hemelluminantie (tussen 0.30 en 5 uur): dit is de categorie gebieden waar de kunstmatige hemelgloed nu het grootst is Totale oppervlakte van de gebieden met kunstmatige hemelluminantie meer dan 900% van de natuurlijke achtergrondstraling (tussen 0.30 en 5 uur)

Maatregelen en projecten

In de eerste plaats is (wetenschappelijke) kennis met betrekking tot lichthinder nodig. Centraal staat dan ook onderzoek dat het beleid moet onderbouwen.
Instrumenten ontwikkelen en kennis uitbreiden
VLAREM II bevat enkele algemene en weinig concrete bepalingen voor de bestrijding van lichthinder. Er is een dringende nood aan richtlijnen voor het plaatsen en certificeren van verlichtingstoestellen en aan een aanvulling van VLAREM II met technische specificaties. Financiële aanmoedigingen voor sanering kunnen de uitvoering van het beleid versnellen, meer bepaald in de landbouwsector (serreverlichting) en de recreatiesector (verlichting van sportterreinen).

Om een beleid te kunnen ontwikkelen moet Vlaanderen zijn beperkte kennis in verband met lichthinder uitbreiden. Zo wordt er gedacht aan het opmaken van een inventaris van de bronnen van lichthinder en hun aandeel in de problematiek, en aan het  periodiek herhalen van enquête-initiatieven.
Om doelgroepen te sensibiliseren moet de Vlaamse overheid hen technische ondersteuning en begeleiding bieden. Algemeen wetenschappelijk en technisch onderzoek is nodig om juridische en economische instrumenten uit te bouwen. Meer fundamenteel onderzoek is vereist naar de mogelijkheid om 'donkergebieden' in te richten en naar bijkomende maatregelen om lichtvervuiling en barrièrewerking tegen te gaan.
Sensibiliseren en samenwerken met andere overheden
Sensibilisering is een belangrijk instrument om nieuwe lichthinder te voorkomen. Allerlei doelgroepen en sectoren dragen bij tot de problematiek van de overmatige verlichting. Daarom is het ook zeer belangrijk dat zij alternatieven of oplossingen aangereikt krijgen.
Voor concrete maatregelen zoals ingrepen in de verlichting van openbare wegen of het opnemen van normen inzake lichthinder in stedenbouwkundige vergunningen, is samenwerking nodig met andere overheden en administraties. Lokale overheden en intercommunales zullen begeleid worden bij de vernieuwing van straatverlichting en de verlichting van openbare ruimten. Technische informatie en criteria zullen hiervoor ter beschikking gesteld worden.

 

En verder ...

 

 

Milieubeleidsplan 2003-2007

frontpagina milieubeleidsplan 2003-2007


ANNE
Automatic Network Noise Environnement

AOT-index
Accumulated Ozone above Treshold

CFK-11 equivalent
meeteenheid waarbij het ozonafbrekend potentieel van een stof (ODP) afgewogen wordt ten opzichte van het ozonafbrekend potentieel van CFK11

CFK's
chloorfluorkoolwater- stoffen,
koolwaterstoffen waarop alle/sommige waterstofatomen vervangen zijn door chloor en/of fluoratomen

HFK's
deelgroep van zachte CFK's die uitsluiten fluor bevatten.

HCFK's
gehydrogeneerde chloorfluorkoolwater- stoffen, zachte CFK's, met o.a. waterstof in de structuurformule.

IVON
Integraal Verwevings- en Ondersteunend Netwerk

LAeq
A-gewogen equivalent geluidsdruk, energetisch gemiddeld niveau dat rekening houdt met frequentieafhankelijk- heid van de gevoeligheid van het menselijk oor

MKROS
Milieuklachten Registratie en Opvolgingssysteem

NEC-richtlijn

EU-richtlijn over nationale emissiemaxima, met als doel de luchtemissies van verzurende, eutrofiërende en ozonvormende stoffen te beperken

ODP
Ozone Depletion Potential

PM 10/2.5
stofdeeltjes met aerodynamische diameter kleiner dan respectievelijk 10 µm/2.5 µm

SLO
Schriftelijk Leefomgevings- onderzoek

seq

verspreidings- equivalent

VEN
Vlaams Ecologisch Netwerk, categorie van gebieden uit het Natuurdecreet, waarbinnen een specifiek gebiedsgericht natuurbeleid gevoerd wordt

WKK
warmtekracht- koppeling

zeq

zuurequivalent