Sla navigatie over
www.lne.be
home | contact | sitemap | publicaties | vacatures | english information
  Over onze organisatie  
     
  Thema's  
     
  Campagnes  
     
  Doelgroepen  
     
U bent hier: www.lne.be Thema's Beleid Beleidsplanning Milieubeleidsplan Milieuthema's Verzuring

Verzuring

Verzuring ontstaat door de emissie van zwavel- en stikstofhoudende verbindingen naar de atmosfeer. Uit deze verbindingen kunnen zuren (zwavelzuur en salpeterzuur) gevormd worden die via de atmosfeer in het milieu terechtkomen. Concreet ligt de uitstoot van de gassen zwaveldioxide (SO2), stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3) aan de basis van het verzuringsprobleem.

Schadelijke effecten op de ecosystemen zijn bijvoorbeeld het afsterven van bomen, verzuren van meren en de aantasting van visbestanden. Verzuring heeft ook invloed op materialen, monumenten en de economie en verstoort de samenstelling van de atmosfeer, het oppervlaktewater en de bodem. Vandaar dat maatregelen om verzuring tegen te gaan ook worden behandeld in andere thema’s zoals 'Vermesting', 'Verontreiniging door fotochemische stoffen', 'Verdroging' en 'Verlies aan biodiversiteit'.

Verzuring is een typisch grensoverschrijdend probleem, omdat zwavel- en stikstofoxiden lang in de atmosfeer blijven en daardoor over grote afstanden worden getransporteerd. Vlaanderen, de andere gewesten en de omliggende landen zijn dan ook op elkaar aangewezen. Ammoniakemissies hebben een vooral lokaal effect.

Dit thema is sterk verbonden met de thema’s 'Verontreiniging door fotochemische stoffen' (NOx-emissies) en 'Vermesting' (NH3-emissies).

Milieubeleidsplan 2003-2007

Langetermijndoelstelling (2030)

    • De zuurdepositie tegen 2030 verminderen tot 1400 zeq/ha.jaar (73,7% minder in vergelijking met 1990)

Bij deze depositie wordt voor de meeste bosecosystemen een duurzame toestand bereikt. Met een gebiedsgericht verscherpt reductiebeleid kan de zuurdepositie in verzuringsgevoelige gebieden, zoals heide op zandgronden en kalkarme vennen, nog worden teruggedrongen tot het niveau van de wetenschappelijk vooropgestelde kritische lasten (300 à 700 zuurequivalenten).

Plandoelstellingen

Plandoelstelling (2010) Indicator
De totale NOx-emissie verminderen tot maximum 94 kton (er wordt gestreefd naar een verdere reductie tot 87,2 kton) Emissie van NOx
De totale SO2-emissie verminderen tot maximum 66,8 kton
(er wordt gestreefd naar een verdere reductie tot 60 kton)
Emissie van SO2
De totale NH3-emissie verminderen tot maximum 45 kton(er wordt gestreefd naar een verdere reductie tot 40,7 kton) Emissie van NH3

Maatregelen en projecten

Tijdens de komende jaren zullen de inspanningen om de emissies te beperken zich vooral richten op de landbouw en de industrie.

Ammoniakemissie reduceren in de landbouwsector

Om de emissie van ammoniak in de landbouw terug te dringen zijn er reductieprogramma’s voor de opeenvolgende deelterreinen in de productieprocessen. Het Mestdecreet voorziet op het deelterrein 'bemestingsregime' dat emissiearme mestaanwending wordt toegepast en dat de bemestingshoeveelheden worden beperkt. Ook op het volgende deelterrein, 'huisvestingssystemen', ligt de klemtoon de volgende jaren op emissiearme systemen die bij nieuwbouw van stallen worden ingevoerd, zowel in de varkens- als in de pluimveesector. Op het derde deelterrein “veevoeding/management” is aanpak aan de bron de meest aangewezen manier om verliezen aan mineralen (en dus ammoniak) te beperken. Met mineralenbalansen kan de landbouwer inzicht krijgen in de mogelijkheden om het verlies aan mineralen op zijn bedrijf te beperken.

Ook mestverwerking kan bijdragen tot ammoniakreductie.

Industriële emissies beperken

Om een goed onderbouwd emissiereductiebeleid mogelijk te maken, werden voor een heel aantal sectoren sectorstudies uitgevoerd, waarin onder meer wordt aangegeven op welke manier en tegen welke kost de emissies van de verschillende polluenten kunnen gereduceerd worden. De uitwerking van een maatregelenpakket gebeurt op basis van deze studies, in overleg met de sector en de maatschappelijke actoren.
Tevens wordt onderzocht of en op welke manier economische instrumenten zoals emissieheffingen en verhandelbare emissierechten kunnen worden ingezet in het emissiereductiebeleid in Vlaanderen.

Huishoudelijke emissies reduceren

Wat de reductie van de huishoudelijke emissies betreft, zit het grootste potentieel in een verdere invoering van lage NOx-branders. Ook communicatie is belangrijk. De problematiek van verzuring dient opnieuw onder de aandacht van de bevolking te worden gebracht.

Gebiedsgerichte aanpak

Voor het VEN en de groengebieden werden kaarten opgesteld die de meest kwetsbare en/of aangetaste ecosystemen aangeven. Voor deze ecosystemen dringt een gebiedsgerichte aanpak (vooral van belang voor NH3-emissies) zich op. Ook het afbakenen van bufferzones kan deze ecosystemen helpen beschermen. Anderzijds kan men ook maatregelen nemen om de ernstig getroffen ecosystemen te herstellen.

Beleid onderbouwen door depositiemeetnet te ontwikkelen

Om de juiste beleidsmaatregelen te nemen is het belangrijk dat de relaties tussen oorzaak en gevolg onderzocht worden en resultaten opgevolgd en geëvalueerd worden. In dit kader zal het meetnet voor de depositie van NH3, SO2 en NOx verder uitgebouwd worden en zal het OPS-model (operationeel prioritaire stoffen) verfijnd worden.

En verder ...


 

Milieubeleidsplan 2003-2007

frontpagina milieubeleidsplan 2003-2007


ANNE
Automatic Network Noise Environnement

AOT-index
Accumulated Ozone above Treshold

CFK-11 equivalent
meeteenheid waarbij het ozonafbrekend potentieel van een stof (ODP) afgewogen wordt ten opzichte van het ozonafbrekend potentieel van CFK11

CFK's
chloorfluorkoolwater- stoffen,
koolwaterstoffen waarop alle/sommige waterstofatomen vervangen zijn door chloor en/of fluoratomen

HFK's
deelgroep van zachte CFK's die uitsluiten fluor bevatten.

HCFK's
gehydrogeneerde chloorfluorkoolwater- stoffen, zachte CFK's, met o.a. waterstof in de structuurformule.

IVON
Integraal Verwevings- en Ondersteunend Netwerk

LAeq
A-gewogen equivalent geluidsdruk, energetisch gemiddeld niveau dat rekening houdt met frequentieafhankelijk- heid van de gevoeligheid van het menselijk oor

MKROS
Milieuklachten Registratie en Opvolgingssysteem

NEC-richtlijn

EU-richtlijn over nationale emissiemaxima, met als doel de luchtemissies van verzurende, eutrofiërende en ozonvormende stoffen te beperken

ODP
Ozone Depletion Potential

PM 10/2.5
stofdeeltjes met aerodynamische diameter kleiner dan respectievelijk 10 µm/2.5 µm

SLO
Schriftelijk Leefomgevings- onderzoek

seq

verspreidings- equivalent

VEN
Vlaams Ecologisch Netwerk, categorie van gebieden uit het Natuurdecreet, waarbinnen een specifiek gebiedsgericht natuurbeleid gevoerd wordt

WKK
warmtekracht- koppeling

zeq

zuurequivalent