Sla navigatie over
www.lne.be
home | contact | sitemap | publicaties | vacatures | english information
  Over onze organisatie  
     
  Thema's  
     
  Campagnes  
     
  Doelgroepen  
     
U bent hier: www.lne.be Thema's Beleid Beleidsplanning Milieubeleidsplan Milieuthema's Verstoring van watersystemen - Integraal waterbeleid

Verstoring van watersystemen - Integraal waterbeleid

  Zie ook verstoring van watersystemen
oppervlaktewater
    verdroging
     

Integraal waterbeleid stelt het watersysteem centraal. Watersystemen zijn het samenhangend en functioneel geheel van oppervlaktewater, grondwater, waterbodems en oevers. Daarin begrepen zijn ook de levensgemeenschappen die erin voorkomen en alle fysische, chemische en biologische processen die daarbij horen, met de daarbij horende infrastructuur. Dit beleid kijkt niet alleen naar de watersystemen maar ook naar het geheel van menselijke en maatschappelijke gebruiksfuncties en activiteiten die ermee samenhangen. Door de watersystemen te ontwikkelen, te beheren en te herstellen wil men hun behoud verzekeren, met het oog op het multifunctionele gebruik. Daarbij wordt rekening gehouden met de behoeften van de huidige en toekomstige generaties.

Het beleid moet zo dicht mogelijk aansluiten bij het functioneren van een natuurlijk watersysteem. Het watergebruik moet afgestemd zijn op de draagkracht van het watersysteem.

Het toekomstige waterbeleid wordt in grote mate bepaald door de Europese kaderrichtlijn Water. De juridische omzetting gebeurde in Vlaanderen via het decreet betreffende het Integraal Waterbeleid van 18 juli 2003.

 

Milieubeleidsplan 2003-2007

Langetermijndoelstelling (2015)

  • Bereiken van een goede toestand van de watersystemen
  • Voor oppervlaktewater betekent dit ten minste een goede ecologische, kwantitatieve en chemische toestand voor gewone oppervlaktewaterlichamen en een goed ecologisch potentieel en goede chemische toestand voor kunstmatige en sterk veranderde waterlichamen
  • Voor grondwater betekent dit dat de kwantitatieve en de chemische toestand van de grondwaterlichamen ten minste goed moeten zijn

 

 

Plandoelstellingen

Voor concrete plandoelstellingen wordt verwezen naar de thema's 'Verontreiniging van oppervlaktewater' en 'Verdroging'. De meer operationele doelstellingen uit dit hoofdstuk komen aan bod bij de diverse maatregelen.

Maatregelen en projecten

 
Een juridische basis voor integraal waterbeleid creëren
Het decreet betreffende het Integraal Waterbeleid – Titel I legt de doelstellingen van het integraal waterbeleid vast. Het voert overlegstructuren op verschillende bestuursniveaus in, en regelt de planvormingsprocedures en de inspraak van burgers en doelgroepen bij het waterbeleid. Het decreet voert ook de watertoets in. Dit houdt in dat de vergunningverlenende overheid bij vergunningsplichtige handelingen of activiteiten, plannen en programma's er zorg voor draagt dat er geen schadelijke effecten op het watersysteem zijn.
Op internationaal niveau actief meewerken
Door actief mee te werken aan het Europese waterbeleid kan Vlaanderen zijn eigen kennis vergroten en zijn eigen kijk op deze materie inbrengen. Vlaanderen onderscheidt de stroomgebieden van Schelde, Maas, IJzer en Brugse Polders. De twee laatste werden, in uitvoering van de kaderrichtlijn Water toegevoegd aan het internationale stroomgebieddistrict van de Schelde, dat wordt gecoördineerd door de Internationale Scheldecommissie. De Internationale Maascommissie doet dat voor het internationaal stroomgebieddistrict van de Maas.
Overlegstructuren opzetten en bekkenwerking dynamiseren
Op Vlaams niveau zal een coördinatiecommissie Integraal Waterbeleid het overleg structureren tussen de diensten en beleidsdomeinen betrokken bij het waterbeleid. Deze commissie zal instaan voor de voorbereiding, de controle en de opvolging van het integraal waterbeleid op Vlaams niveau. Een reorganisatie van de bekkenwerking zal er voor zorgen dat alle betrokkenen participeren en dat een formele samenwerking tot stand komt tussen de verschillende bevoegde waterbeheerders en bestuurlijke verantwoordelijken. In plaats van de bekkencomités komt er een bekkenbestuur (bestuurlijk overleg), een bekkensecretariaat (technisch-ambtelijk overleg) en een bekkenraad (maatschappelijk overleg). Voor de uitvoering van het integraal waterbeleid op lokaal niveau voorziet het decreet de oprichting van waterschappen.
Milieudoelstellingen voor watersystemen vastleggen
Volgens de kaderrichtlijn Water moeten de milieudoelstellingen voor watersystemen grondig herzien worden. De doelstellingen moeten vastgelegd worden op (deel)stroomgebiedniveau. In de eerste plaats moet de referentietoestand van de watersystemen bepaald worden. Op basis hiervan kunnen de doelstellingen voor 'een goede toestand' verder ingevuld worden.
De oppervlaktewatertoestand is 'goed' als zowel de ecologische als de chemische toestand tenminste 'goed' zijn. Tegen eind 2004 zullen de grenzen tussen de klassen 'hoge', 'goede' en 'matige' ecologische toestand vastliggen. Tegen eind 2006 moet er een nauwkeurige definitie bestaan van een 'goede chemische toestand' van het oppervlaktewater.
Een 'goede grondwatertoestand' vereist dat zowel de kwantitatieve als de chemische toestand van een grondwaterlichaam tenminste 'goed' is. Doelstellingen om een goede kwantitatieve toestand te bepalen moeten gebiedsgericht ingevuld worden. Grondwatermodelleringen, waarmee de impact van wateronttrekking op het grondwatersysteem kan bepaald worden, zijn hierbij een noodzakelijk hulpmiddel.
Voor eind 2005 moeten geschikte criteria vastgelegd zijn voor de chemische samenstelling van een grondwaterlichaam.
Voor kunstmatige en sterk veranderde waterlichamen gelden minder strenge milieudoelstellingen.
Voor beschermde gebieden gaat de overheid na of bijkomende normen nodig zijn om de specifieke doelstellingen te bereiken.
Geïntegreerde analyses voor watersystemen opmaken
Een aantal analyses zijn nodig om de eerste stroomgebiedbeheerplannen en bekkenbeheerplannen voor te bereiden. Zo moet tegen eind 2004 een analyse gemaakt zijn van de kenmerken van elk stroomgebieddistrict en van de invloed van de activiteiten van de mens op de toestand van oppervlaktewater en grondwater. Tevens moet een economische analyse informatie leveren over omvang en kosten van waterdiensten, zoals watertoelevering en waterzuivering, en de vooruitzichten inzake investeringen ervoor. Op basis van deze analyse wordt een waterprijsbeleid uitgewerkt dat gericht is op een kostenterugwinning per doelgroep volgens het principe dat de vervuiler betaalt. Op bekkenniveau zullen analyses de visievorming en de maatregelen in de bekkenbeheerplannen moeten onderbouwen.
Integrale waterbeleidsplanning opmaken
Een samenhangende en planmatige aanpak op de verschillende geografische niveaus (internationaal stroomgebiedniveau, Vlaams niveau, bekkenniveau en deelbekkenniveau) is vereist. Vlaanderen werkt mee aan de opmaak van de internationale stroomgebiedbeheerplannen voor de stroomgebiedsdistricten van de Schelde en de Maas. Deze plannen bevatten maatregelen, middelen en termijnen om de gestelde doelstellingen te bereiken. Tegen eind 2009 moeten de eerste internationale stroomgebiedbeheerplannen klaar zijn.

De Vlaamse regering legt eind 2004 de krachtlijnen van een integraal waterbeleid voor het Vlaams Gewest en per stroomgebied vast in een Vlaamse waterbeleidsnota. Afstemming tussen de verschillende beleidsdomeinen en planfiguren (bv. milieubeleidsplan, mobiliteitsplan, ruimtelijk structuurplan Vlaanderen) is essentieel. Deze nota vormt een randvoorwaarde voor de opmaak van de internationale stroomgebiedbeheerplannen en de bekkenbeheersplannen.

Tegen eind 2006 dienen voor de elf bekkens bekkenbeheerplannen opgemaakt te zijn. De bekkenbeheerplannen geven inzichten in de mogelijkheden en de knelpunten in het bekken en ontwikkelen streefbeelden voor de watersystemen. Op basis van deze streefbeelden worden gebiedsgericht de milieudoelstellingen vastgelegd. Aan de watersystemen of onderdelen ervan die tot het bekken behoren, worden ook functies toegekend. De nodige acties en maatregelen voor het bereiken van de doelstellingen, samen met een middelenraming, worden eveneens opgenomen. De Vlaamse overheid zet de lokale besturen ertoe aan om ook per deelbekken beheerplannen op te maken, die vooral uitvoeringsgericht zijn.
Kennis van watersystemen uitbouwen
Een essentiële vereiste om een integraal waterbeleid te voeren is een zeer goede kennis van de watersystemen en van de invloed van het geheel van menselijke en maatschappelijke gebruiksfuncties en activiteiten erop. Deze kennis laat toe om afwegingen te maken bij beslissingen, keuzen te objectiveren, het planningsproces een basis te geven, knelpunten, mogelijkheden en effecten van maatregelen in te schatten en tot slot ook het beleid te evalueren.

Om de kennis te versterken zijn er verschillende inspanningen nodig. Betrouwbare en representatieve basisgegevens moeten beschikbaar zijn. Tegen eind 2006 moeten de bestaande meetnetten verfijnd zijn. De verzamelde gegevens moeten op een overzichtelijke wijze geraadpleegd kunnen worden. Door databanken uit te bouwen, op mekaar af te stemmen en aan mekaar te koppelen en netwerken te ontwikkelen kan de overheid ook de uitwisseling van kennis verbeteren. Een derde vereiste is de ontwikkeling van ondersteunende instrumenten. In de eerste plaats is er behoefte aan rekenmodellen om de huidige toestand en het functioneren van watersystemen te beschrijven, en om scenarioberekeningen te maken. Dit moet de overheid in staat stellen gefundeerde beslissingen te nemen. Online ingeschakelde voorspellingsmodellen maken het mogelijk om gebiedsgericht snel in te grijpen bij crisissituaties, zoals overstromingen of vissterfte.
Sensibiliseren rond duurzaam waterbeheer en –gebruik
Duurzaam omgaan met water betekent: water niet verspillen en water van hoogwaardige kwaliteit enkel gebruiken voor openbare drinkwatervoorziening en andere hoogwaardige toepassingen. Door communicatie wil de overheid het gedrag van de doelgroepen veranderen. Met actieve informatie- en sensibiliseringscampagnes wil ze een mentaliteitswijziging tot stand brengen. De campagne 'Water. Elke druppel telt' wordt verder gezet, o.m. in samenwerking met intermediairs zoals federaties en verenigingen. Verder moet het Steunpunt Duurzaam Water de informatie op een begrijpbare wijze aan de doelgroepen (gemeenten, gezinnen, bedrijven en landbouwers) aanreiken en zo het beleid ondersteunen.
Participatie van het publiek versterken
Op verschillende niveaus (stroomgebied, Vlaams, bekken en deelbekken) zal er gestreefd worden naar een grotere participatie van het publiek bij de opmaak van de plannen. Om te vermijden dat de bevolking en de belangengroepen overmatig bevraagd worden, zullen inspraakprocedures in de mate van het mogelijke samenlopen.

 

En verder ...

     

     

Milieubeleidsplan 2003-2007

frontpagina milieubeleidsplan 2003-2007


ANNE
Automatic Network Noise Environnement

AOT-index
Accumulated Ozone above Treshold

CFK-11 equivalent
meeteenheid waarbij het ozonafbrekend potentieel van een stof (ODP) afgewogen wordt ten opzichte van het ozonafbrekend potentieel van CFK11

CFK's
chloorfluorkoolwater- stoffen,
koolwaterstoffen waarop alle/sommige waterstofatomen vervangen zijn door chloor en/of fluoratomen

HFK's
deelgroep van zachte CFK's die uitsluiten fluor bevatten.

HCFK's
gehydrogeneerde chloorfluorkoolwater- stoffen, zachte CFK's, met o.a. waterstof in de structuurformule.

IVON
Integraal Verwevings- en Ondersteunend Netwerk

LAeq
A-gewogen equivalent geluidsdruk, energetisch gemiddeld niveau dat rekening houdt met frequentieafhankelijk- heid van de gevoeligheid van het menselijk oor

MKROS
Milieuklachten Registratie en Opvolgingssysteem

NEC-richtlijn

EU-richtlijn over nationale emissiemaxima, met als doel de luchtemissies van verzurende, eutrofiërende en ozonvormende stoffen te beperken

ODP
Ozone Depletion Potential

PM 10/2.5
stofdeeltjes met aerodynamische diameter kleiner dan respectievelijk 10 µm/2.5 µm

SLO
Schriftelijk Leefomgevings- onderzoek

seq

verspreidings- equivalent

VEN
Vlaams Ecologisch Netwerk, categorie van gebieden uit het Natuurdecreet, waarbinnen een specifiek gebiedsgericht natuurbeleid gevoerd wordt

WKK
warmtekracht- koppeling

zeq

zuurequivalent