|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| home | contact | sitemap | publicaties | vacatures | english information | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Bijlage definities - provincies
Algemeen Milieu- en natuurverenigingEen milieu- en natuurvereniging is een vereniging die natuur en/of milieu als hoofddoelstelling heeft zoals omschreven in het decreet van 29 april 1991 tot instelling van een milieu- en natuurraad van Vlaanderen en tot vaststelling van de algemene regelen inzake de erkenning en de subsidiëring van de milieu- en natuurverenigingen..
Actieve en passieve sensibilisatieBinnen de overeenkomst komen twee vormen van sensibilisatie aan bod : enerzijds een passieve sensibilisatie en anderzijds een actieve sensibilisatie. De passieve sensibilisatie omvat het verspreiden van informatie via de gemeentelijke informatiekanalen (bijvoorbeeld artikel in het gemeentelijk infoblad, folder, affiche, e.d.). Een actieve sensibilisatie gebeurt door het verspreiden van informatie via een ondersteunende campagne (bijvoorbeeld adviesverlening, milieueducatie, opleiding, technische ondersteuning, workshops, evenementen, stand op een beurs, e.d.) of door participatieve sensibilisatieprojecten.
ProjectDe provincie kan in het kader van de overeenkomst projecten uitvoeren. Deze zijn opgenomen in het luik projecten. De totale kostprijs van het project per provincie moet hoger zijn dan 2.500€.
ActieDe provincie kan in het kader van de overeenkomst acties uitvoeren. Deze zijn opgenomen in de basis.
DossierHet dossier bevat:
HoogdringendheidHoogdringendheid wil zeggen dat bepaalde activiteiten niet kunnen wachten.
Vlaamse OpvolgingscommissieDe Vlaamse Opvolgingscommissie bestaat uit vertegenwoordigers van het Aanspreekpunt. De rol van deze Opvolgingscommissie is om aanvullend op de papieren evaluaties ook een aantal projecten en initiatieven op het terrein te gaan bekijken.
DoelgroepenprojectHet doelgroepenproject van de provincie is het project dat zich richt op de doelgroepen die een belangrijke impact hebben op het lokale milieugebeuren. Centraal in het doelgroepenbeleid staat overleg en communicatie. Concreet worden volgende punten uitgewerkt in het project: 1° (deel)doelgroepen kiezen op basis van de lokale eigenheid, beleidsdoelstellingen of knelpunten; Het uitwerken van een doelgroepenproject kan de provincie zelfstandig doen of in samenwerking met gemeenten, ngo's of andere organisaties. De provincie neemt hierbij steeds een actieve rol op. Waar mogelijk werkt de provincie samen met maatschappelijke organisaties die als intermediair betrokken kunnen worden bij de uitvoering van een doelgroepwerking. De provincie streeft naar afstemming op het beleid van het Vlaamse Gewest. Dit wil zeggen: Voor natuur- en milieueducatieve projecten gelden volgende specifieke criteria:
Thema InstrumentariumMilieubeleidsplanVoor de definitie van milieubeleidsplan wordt verwezen naar artikel 2.1.21 van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid.
PesticidenreductieprogrammaEen Pesticidenreductieprogramma is een gemeentelijk actie- en maatregelenprogramma met als doel te komen tot een nulgebruik van pesticiden zoals bepaald in het decreet van 21 december 2001 houdende de vermindering van het gebruik van bestrijdingsmiddelen door openbare diensten in het Vlaamse Gewest en het uitvoeringsbesluit van 14 juli 2004.
Thema Afval1° De definities voor afvalpreventie, hergebruik, selectieve inzameling, zoals opgenomen in het vigerende Uitvoeringsplan Huishoudelijke Afvalstoffen, zijn van toepassing binnen het thema afval. 2° Geïntegreerd afvalstoffenbeheer: Op het provinciale domein een coherent afvalstoffenbeleid uitvoeren met aandacht voor afvalpreventie, hergebruik, selectieve inzameling, voorkomen van illegaal ontwijkgedrag (zie doelstellingen).
Thema Milieuverantwoord productgebruik1° Milieuverantwoord gebruik van producten: het efficiënt inzetten van producten en een keuze voor producten en/of systemen die de minste milieueffecten veroorzaken in hun volledige levensloop van grondstoffase over de productie en gebruiksfase tot en met de afvalfase. Dit betekent dat er gestreefd wordt naar de beperking van de uitputting van grondstoffen, van de milieuschade van de productie, het gebruik en de verwerking na gebruik; 2° Milieuschadelijke producten: producten, met inbegrip van stoffen en materialen, die onmiddellijk of na verloop van tijd milieuschadelijke effecten hebben op een of meer milieucompartimenten hetzij bij de productie van het product, hetzij bij het gebruik ervan of bij de verwerking van de afvalstoffen die afkomstig zijn van het product; 3° Milieuschadelijke effecten: onder andere het verbruik van grond- en hulpstoffen, de emissies van stoffen in de lucht, de bodem en het water, trillingen, geur, geluid met een negatieve impact op het milieu; 4° De implementatie in de provinciale diensten van het milieuverantwoord productgebruik voor een bepaalde productgroep of een onderdeel ervan omvat de integratie van dit principe in het aankoopbeleid en in de interne werking binnen de eigen provinciale diensten zodat dit een 5° Duurzaam geëxploiteerd hout: hout voorzien van een FSC-label of een door het Agentschap voor Natuur en Bos equivalent label dat aantoont dat het hout afkomstig is van bossen waarvan het duurzaam beheer door een onafhankelijke instelling volgens internationaal erkende criteria werd gecertificeerd; 6° Type I-labeling: een milieulabeling dat is toegekend op basis van criteria die op onafhankelijke wijze zijn opgesteld en door derden werden gecontroleerd; 7° Secundaire grondstoffen, zoals gedefinieerd in het VLAREA, omvatten minstens compost met Vlaco-label of gelijkwaardig kwaliteitslabel en gekeurd breekpuin. 8° De producten binnen het thema milieuverantwoord productgebruik zijn onder meer de producten vermeld in dit artikel: 9° De keuze voor minder milieuschadelijke producten zal gebeuren op basis van milieucriteria. Als de provincie voor een bepaalde toepassing niet kiest voor het minst milieuschadelijke product, dient zij haar keuze te motiveren. Deze motivatie moet door het Vlaamse Gewest worden aanvaard. De provincie kan bij de uiteindelijke productkeuze rekening houden met de beschikbaarheid van het 10° Biologische producten:
Thema NatuurKLEkleine landschapselementen, zoals gedefinieerd in art. 2 van het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu Bermbesluitbesluit van de Vlaamse Regering van 27 juni 1984 houdende maatregelen inzake natuurbehoud op de bermen beheerd door publiekrechtelijke rechtspersonen Groenjobswerknemers tewerkgesteld in sociale economiebedrijven actief in het natuurbeheer en die werken uitvoeren voor derden die hiervoor subsidie ontvangen vanuit het ANB. Voor meer info wordt verwezen naar het Besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2003 houdende toekenning van een subsidie aan uiteenlopende actoren voor het natuur-, bos- en groenbeheer via groene, duurzame jobs toegankelijk voor doelgroepwerknemers HPGHarmonisch park- en groenbeheer
IN = Instrumentarium
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||