

AVONTUUR
‘Waar ben je?’, roept Pit.’ Ik kan je niet vinden, tussen die hoge varens.’
Puf steekt zijn groene pootje omhoog en zwaait naar zijn zus.
‘Haha’, schatert ze. ‘Je bent even groen als het mos op die boom. Geen wonder dat wij zo goed verstoppertje kunnen spelen.’
Moe van het spelen valt Pit naast Puf neer en geeft hem een knuffel met haar staart.
‘Ik heb er honger van gekregen’, zegt Puf.
‘Natuurlijk, jij hebt altijd honger! Zullen we kijken of er nog bessen aan de struiken staan. Of heb je zin in zonnebloempitjes?’
‘Haboe, pitjes!’, kraait Puf en hij spurt weg met Pit er achteraan.
Pit en Puf doen zich tegoed aan de heerlijke braambessen, hazelnoten en paddenstoelen. En natuurlijk ook aan zonnebloempitjes. Die vinden ze het lekkerste.
Plots horen ze mama Treuzel roepen. ‘Pit! Puf!’
Pit holt al naar mama en Puf steekt nog snel een aantal zonnebloempitten in zijn mondje. Mmm.
‘Binnenkort is het jaarlijkse grote Boeboekfeest’ zegt mama. ‘Ons hol is nog helemaal niet versierd. Gaan jullie even naar de vuilnisbelt hier verderop? Waarschijnlijk liggen er nog wel spullen die we kunnen gebruiken.’
En weer gaan Pit en Puf ervandoor. In heel het Biezebos hoor je hen zingen.
Wij zijn lekker bolrond,
Een leuke staart boven onze kont.
Vlijmscherpe tandjes, vlugge klauwenhandjes.
Gitzwart haar van kop tot teen,
En een zweetvoet aan elk been.
Haboe! Haboe! Haboe!
Start
Dit avontuur wordt de start van je Boeboekkamp. Laat de kinderen zich volledig in de Boeboekwereld onderdompelen. Wie zijn de Boeboeks? Waar willen ze wonen? Wat vinden ze lekker? Wat vinden ze leuk? Wat is belangrijk voor hen? …
Hoe meer de kinderen Boeboek worden, hoe meer ze zich zullen inzetten om alle hindernissen te overwinnen. Een echte identificatie met de Boeboeks komt je kamp alleen maar ten goede!
Hoe je dat kan bereiken via de 10 avonturen, lees je hier.
Meer informatie over de Boeboeks vind je hier.
Voor je op kamp vertrekt
Boeboek word je niet van de ene dag op de andere. Bereid de kinderen hierop voor door ze bijvoorbeeld in het kampboekje al als Boeboeks aan te spreken. Als de kinderen of Boeboeks op de kampplaats aankomen, leef je dan zelf ook volledig in de Boeboekrol in. Wees nieuwsgierig naar welke Boeboeks (kinderen) hier op kamp zijn. Creëer eventueel enkele Boeboekpersonages die perfect bij jullie leidingsploeg passen; dat zorgt voor een leuke dynamiek.
In dit kampthema komen heel wat knutselactiviteiten aan bod. Boeboeks knutselen enkel met natuurelementen en afval. Heel wat van deze materialen vind je op de kampplek zelf. Voor enkele andere spulletjes is het interessant om ze vooraf te verzamelen: zelf sparen, rondneuzen in de kringwinkel …
- oude stoffen
- kroonkurkjes
- flessendopjes
- kurken
- oude nylonkousen
- versleten fietsbanden (zowel binnen- als buitenbanden)
- versleten auto- en tractorbanden
- ….
Download hier je kleurplaat van 'In het Biezebos' (
pdf-document-739kb)
top

ACTIVITEITEN
Word Boeboek
Haboe? Wie zijn die Boeboeks nu eigenlijk en wat voor rare streken hebben ze? De eerste dag van je kamp besteed je hier voldoende aandacht aan. Om ervoor te zorgen dat de kinderen (Boeboeks) zich in het verhaal inleven, laat je ze meedenken over hoe Boeboeks eruit zien en hoe ze leven.
Zoek uit hoe de kinderen zich als Boeboek kunnen verkleden. Zo kan je de Boeboeks herkennen aan hun staart, grote oren, groene kleur, harige pels enz. Laat de kinderen iets knutselen dat ze tijdens het kamp aan en uit kunnen trekken, afhankelijk van het tijdstip dat ze ‘in’ of ‘uit’ het verhaal stappen. Je kan de kinderen vertellen dat de Boeboeks altijd een ketting dragen, zodat je samen met hen een Boeboek-ketting maakt die ze tijdens het kamp aanhouden. Hieronder vind je enkele voorbeelden, maar laat vooral jullie creativiteit de vrije loop.
Nog even dit: Boeboeks kopen zo weinig mogelijk knutselmateriaal, maar gebruiken elementen uit het bos of ze trekken naar de vuilnisbelt (kringwinkel) en zoeken daar hun knutselattributen. Wees creatief met wat je in de natuur vindt en onterecht op de afvalberg terecht komt. Zo word je een echte Boeboek!
Boeboekstaart
Vul oude nylonkousen op met restjes stof. Je versiert de nylonkousen door er kleine, kleurrijke lapjes stof op te nieten. Voor een pluizig effect van de staart weef je stukjes wol door het nylon. Als je een stevige staart wil, stop je er ijzerdraad in.Vergeet ook de pompon op het einde van de staart niet.
Tip: Spaar nu al kapotte nylonkousen en oude stofjes. Hoor ook eens rond in de buurt zodat iedereen op zolder kijkt of meespaart.
Grote oren
Maak Boeboekoren uit papier maché en beschilder ze. Je kan ze op een diadeem bevestigen.
Je kan ook kiezen voor een Boeboek-hoofddeksel of masker, zoals op de afbeelding hiernaast.
Boeboekattributen
Ketting
Laat de Boeboeks in het bos zoeken naar attributen om hun ketting mee op te fleuren: madeliefjes, bladeren, dennenappels, beukennootjes, stokjes … . Ook met afval maak je mooie kettingen: kroonkurkjes, dopjes van petflessen, oude stoffen, kurken .. een combinatie van beide geeft mooie effecten.
Muziekinstrument
Een rammelaar of castagnetten met kroonkurken, tokkelinstrumenten met petflessen, sambabal met broodzakken… Deze en nog veel meer ideeën vind je hier.
Ook voor de inhoud van een rammeldoos kan je herbruikbaar materiaal gebruiken. Knip enkele petflessen en yoghurtpotjes tot snippers en je krijgt een mooi geluid.
Hoofddeksel
Met takjes, bladeren of ander materiaal uit de natuur maak je een Boeboek-hoofddeksel of een mooie haartooi.
Tip
Wie zijn al die nieuwe Boeboeks? Laat de kinderen (Boeboeks) hun verbeelding los en laat ze hun eigen Boeboek creëren. Wees tijdens het creatiemoment nieuwsgierig naar wie de Boeboeks zijn. Hoe heet je als Boeboek? Hoe oud ben je? Wie is je zus/broer? Hoe ziet jouw staart eruit? …
Laat de Boeboeks zich aan elkaar voorstellen. Bereid de kinderen (Boeboeks) hierop voor door ze te laten nadenken wie ze zijn en waarom ze hun Boeboek zo ‘knutselen’.
Laat zoveel mogelijk ideeën van de kinderen (Boeboeks) zelf komen. Hoe meer ze zelf meedenken en uitvoeren, hoe leuker ze het vinden.
top

Boeboekhol
Citaat: Chiro Jez: “De inleving in de rol van Boeboeks op kamp lukte zeer goed, zeker na het bouwen van en zoeken naar de Boeboekhuisjes”.
Voor het grote Boeboekfeest wil mama Treuzel haar Boeboekhol mooi versieren. Maar voordat je een hol kan versieren, moet je er natuurlijk een hebben.
Denk met de kinderen (Boeboeks) na over een ideaal Boeboekhol en bouw dit in of rond de kampplek. Wat zouden de Boeboeks in hun hol nodig hebben? Waar zouden ze graag wonen? Hoe groot moet hun hol zijn? Als leiding bepaal je zelf wat de mogelijkheden zijn en begeleid je de kinderen (Boeboeks) op hun zoektocht naar het ideale hol. Je kan dit groots aanpakken maar ook met weinig middelen en tijd kan je een leuk hol maken. Het hol fungeert als het plekje waar je met de Boeboeks (kinderen) samenkomt, waar je de gebeurtenissen kan inkleden, waar je ’s avonds een verhaaltje leest, waar het toneeltje plaats heeft … Maak het hol samen met de kinderen. Zo verhoog je hun betrokkenheid bij het verhaal. Als het hol af is, kunnen de kinderen (Boeboeks) het versieren. Je kan de groep eventueel in twee delen. De ene groep maakt het hol, de andere de versiering.
Enkele ideeën voor de creatie van het hol:
- Verander de deuropening van een lokaal in de ingang van het hol: hang slingers met bladeren of beplak de deur met natuurmateriaal. Als de kinderen (Boeboeks) door deze opening gaan, zijn ze in het Boeboekhol.
- Maak van de muren een bos: bekleed een doek met bladeren en takjes, maak uit karton enkele bomen en struiken …
- Maak een kamp in het bos.
Ideeën voor de versiering van het hol:
- Als de Boeboeks afval en natuurelementen krijgen of zelf zoeken, zullen ze snel inspiratie vinden voor hoe ze het hol gaan versieren. Leef mee met de Boeboeks en hun zoektocht naar de inrichting van het hol. Stel hen vragen als ‘Wat zouden de Boeboeks mooi vinden? Op welk plekje zouden ze graag wonen? Wat hebben ze nodig in hun hol?’ …
- Laat de Boeboeks met afval kunstwerkjes maken die ze aan de muren van het lokaal ophangen.
- Laat ze zelf nadenken over wat er allemaal in een hol moet zijn. Een lamp? Een tafeltje? Zitplaatsen? Laat de Boeboeks deze elementen met afval en natuurelementen versieren.
- Je kan met brik lampionnetjes maken.
- Versier glazen bokalen voor theelichtjes.
- …
top

Boeboek voor het hele kamp
De eerste dag kan je heel wat doen om de kinderen in hun Boeboekrol te laten inleven. Ook tijdens het kamp kan je hieraan verder werken. Enkele ideeën:
- Binnenpost: briefjes schrijven naar elkaar, tekeningen maken voor elkaar, voor elkaar leuke dingen zoeken in het bos … (hoeft niet per se geschreven te zijn).
- Tikkertje Boeboek: De Boeboeks steken hun lange staart in de achterkant van hun broek. De Boeboeks moeten elkaar tikken door met hun staart te zwieren en zo iemand aan te raken.
- Boeboek-staartenroof
- Speeltuin met afval: oude fietsbanden als hoelahoep, oude auto- of tractorbanden om naar elkaar te rollen, tikkertje fietsband (met twee in een fietsband, tweeloop), fietsbandvoetbal (in elke fietsband zitten twee tegenspelers, ze willen misschien elk een andere richting uit waardoor het spel bemoeilijkt wordt)
- …
top

DE BOEBOEKS
Echte Boeboeks?
Hier geven we je bijkomende informatie over de Boeboeks. Geef die zeker niet aan de kinderen (Boeboeks), zo voorkom je dat ze alles gewoon gaan nabootsen.
Jullie Boeboeks hoeven er natuurlijk niet hetzelfde uit te zien als die van Marc De Bel. Om ervoor te zorgen dat de kinderen in de Boeboekwereld worden ondergedompeld, laat je hen hun eigen Boeboek creëren en maak je samen met hen een Boeboekhol. Het is te gek om te zien hoe creatief de kinderen, euhm Boeboeks, zijn. Laat jullie ook volledig gaan bij de creatie van jullie Boeboeks. Je kan de betrokkenheid van de kinderen nog verhogen door hen met hun Boeboeknaam aan te spreken.
top

Biezebos?
We spreken hier over het Biezebos: de woonplaats van de Boeboeks van Marc De Bel. Jullie kunnen jullie woonplaats een andere naam geven, afhankelijk van de ligging, de naam van het kampgebouw of de streek, iets uit een plaatselijke legende enz.
top

Boeboekbeschrijving
Boeboeks zijn heel vreemde wezentjes. Ze lijken uiterlijk wel een beetje op menselijke beestjes of beestige mensjes, maar ze zijn noch het een, noch het ander. Het zijn Boeboeks.
Boeboeks zijn Aardwezens. Ze hebben de Aardegroeikracht in zich, waarmee ze onder andere helpen de planten (en kinderen) te ontkiemen en te groeien. Ze beschermen en bewaken de natuur en alles wat leeft. Zij zijn puur natuur.
Hoe zien Boeboeks eruit?
Ze zijn klein en glimwormgeelgroen met overal gitzwart stekelhaar. Boeboeks hebben grote oren en een lange staart.
Je hoeft niet veel moeite te doen om je als leiding in een Boeboek te veranderen. Een beetje schmink, een attribuut of een gekke outfit doet wonderen. Hieronder lees je enkele tips (de ene vraagt al wat meer werk dan de andere, maar laat ze vooral inspireren).
- De staart mag niet ontbreken.
- Boeboeks hebben klauwhanden- en voeten. Die maak je met handschoenen, sokken, rode schoenen …
- Voor het lichaam zijn er verschillende mogelijkheden: je maakt (naait of laat maken door mama’s, papa’s, grootouders, vrienden …. ) een groen-zwarte overall of pak. Of je neemt een jutezak als bovenstuk en je steekt je benen in zwarte of groene nylonkousen. Voor een pluizig effect doorweef je de jutezak en de nylonkousen met wol.
- Voor je hoofd maak je een masker van papier maché dat je achteraf overschildert. Met papier maché maak je gemakkelijk de lange oren en de snuit na. Je kan je ook echt schminken. In schminkboeken vind je voorbeelden van een muis of kat die je kan aanpassen.
Zweetvoeten
De Boeboeks hebben ongelooflijke zweetvoeten. Wij, mensen, houden niet zo van die doordringende voetengeur. Maar Boeboeks zijn er uitermate trots op. Elke familie heeft haar eigen geur. Zo vinden verdwaalde Boeboeks moeiteloos de weg naar het hol terug. Ook in het pikdonker. Boeboeks hebben een fantastische neus. Ze ruiken nog beter dan een hond. Maar ze hebben wel een totaal andere voorkeur voor geuren dan wij.
Simpal-gevoel
Boeboeks van dezelfde sibbe (familie) hebben niet alleen dezelfde geur, maar ook het Simpal-gevoel gemeen. Daarmee ‘voelen’ ze, ook op verre afstand van elkaar, sterke emoties (vreugde, pijn ...).
Doe Boeboek
Boeboeks zijn dol op zonnebloemzaadjes en knuffelen. Zonnebloempittentaart is hét lievelingsgebak bij uitstek en de knuffelhoek is na de keuken de belangrijkste plek in het hol. Boeboeks eten gezond, vooral noten, zaden, wilde planten, fruit … en nooit vlees.
Boeboeks zoeken en verzamelen vooral hun voedsel. Ze leven in en van de natuur. Ze eten wat ze vinden in het Biezebos. Ze zorgen dus ook goed voor die natuur én voor elkaar.
Boeboeks zijn ook keuteldol op zingen, dansen en kattenkwaad uithalen.
Slapen doen ze in oude pantoffels die ze, net als vele andere spullen, van de vuilnisbelt naast het Biezebos halen. Vaak kruipen ze lekker samen met z'n allen in één slof.
Boeboeks begroeten elkaar altijd met ‘Haboe!’
Boeboeks zijn geen doetjes
Boeboeks eten geen vlees, zijn antiracistisch en zeer vredelievend. Dat betekent niet dat ze doetjes zijn. Ze zullen niet aarzelen om (letterlijk) terug te bijten als het nodig is. Toch haten ze geweld. Eigenlijk is hun diepste wens om één grote familie knuffelbal te worden.
Boeboeks zijn (vinding)rijk
Als Boeboeks iets van voorwerpen bezitten, komt dat steevast van de vuilnisbelt. Denk na welke alledaagse voorwerpen je een tweede functie kan geven. Dat zorgt zeker voor lachwekkende situaties. Enkele ideeën:
- boomstam als zitbank
- tractor- of autoband als ‘bal’ (de banden kan je naar elkaar rollen)
- fietsband als hoelahoep
- binnenband van een fiets als fietsrekker, of om mee te spelen: rekeffect is leuk
- vork als haarborstel
- onderbroek als zonnehoedje
- een zak vol petflessen als zitzak
- een oud toetsenbord als massagetoestel
- oude CD’s als versiering, spiegel of lichtversterkers/weerkaatsers
- oude kleren als vlag
- …
top

De Boeboekfilosofie: Boeboeks zijn groen
Boeboeks hebben groene vingers. Zoals alle Aardewezens bezitten ze de kiem- en groeikracht waarmee ze planten en kinderen helpen zich te ontwikkelen en zichzelf te worden. Ze zijn de bewakers en de beschermers van de natuur. Met die groene vingers zijn ze ontzettend creatief.
Boeboeks zijn groen achter hun oren. Boeboeks zijn, net als kinderen, nog jong en fris, naïef, onbezonnen en speelziek, eenvoudig, eerlijk en puur. Boeboeks zijn nog niet volwassen en daarom nog niet corrupt.
Boeboeks geven kinderen groen licht. Groen licht betekent: Vooruit! Ga ervoor! Zoek je eigen weg! Wees jezelf! Volg de kriebels! Boeboeks helpen kinderen om hun zelfvertrouwen te ontwikkelen. Boeboeks zijn kindvriendelijk en begrijpen elke kindertaal want kinderen zijn overal ter wereld hetzelfde: ze willen groeien en spelen in een liefdevolle en veilige omgeving.
Boeboeks zijn aardbolrond. Groen is de kleur in het midden van de regenboog. Meer naar de polen toe zijn de Boeboeks iets lichter van kleur en dichter bij de evenaar iets donkerder. Maar ze blijven altijd zonder onderscheid groen. Ze kennen geen menselijke (staats)grenzen. Ze zijn multicultureel en vinden het heerlijk om kinderen van over de hele wereld dichter bij elkaar te brengen.
Boeboeks zijn plaaggeesten. Ze doen niets liever dan grapjes uithalen en kinderen laten schrikken met hun fameuze "Ha...boe!"-groet. Maar altijd puur voor de lol en liefdevol. Nooit om te sarren of te pesten.
top

Boeboeks op kamp
Je kiest zelf welke kenmerken je op kamp aan bod laat komen. Je kan natuurlijk nog kenmerken toevoegen die je kamp keutelleuk maken. Let er wel op dat ze in de Boeboekfilosofie passen. Enkele ideeën:
- De Boeboeks begroeten elkaar met ‘Haboe!’ in plaats van ‘Hallo’.
- Als Boeboeks iets leuk vinden, vinden ze het ‘keutelleuk’ of ‘keutelgek’.
- Voor het slapen gaan ‘neuzen’ de Boeboeks elkaar slaapwel.
- Elke ochtend springen de Boeboeks zich wakker met een gymnastiek-springritueel.
- Boeboeks verrassen en verwennen elkaar graag.
- Vul dit lijstje zelf aan met zaken die op jullie kamp van toepassing zijn.
top

Boeboeklied
Boeboeks houden van zingen en dansen. Als je het Boeboeklied hoort, mag je er zeker van zijn dat ook wij, de mensen, het luidkeels meezingen en erop gaan swingen. Je kan het Boeboeklied als kamplied gebruiken door eventueel enkele strofen aan te passen. Ook voor een kampdansje is dit lied ideaal.
Je vindt het ook in het boek ‘Soezie Boebie’ van Marc De Bel dat je in de meeste bibliotheken kan ontlenen.
Er is een rockversie, een versie gezongen door de Boeboeks en een instrumentale versie waarmee je zelf kan meezingen.
Wij zijn lekker bolrond,
een leuke staart boven onze kont.
Vlijmscherpe tandjes, vlugge klauwenhandjes.
gitzwart haar van kop tot teen,
en een zweetvoet aan elk been.
We leven in het Grote Biezebos,
tussen de wortels en het zachte groene mos.
Slapen als een bolletje
in ons Boeboekholletje.
Wij giechelen en grappen erop los
in het Biezebos.
Haboe! Haboe! Haboe!
Wij zijn Boeboeks! Bolleboze Boeboeks!
En dat worden we nooit moe!
Haboe! Haboe! Haboe!
Wij zijn Boeboeks! Alle keutels nog aan toe!
En dat worden we nooit moe!
Haboe! Haboe! Haboe! Boe!
Wij zingen, spelen, springen, trappen lol,
lachen, tuimelen en draaien als een tol.
Maar we maken het liefst van al
een hele knusse Boeboekbal.
En smullen van een zonnebloemenzaadjeskoek
in onze knuffelhoek.
Haboe! Haboe! Haboe!
Wij zijn Boeboeks! Bolleboze Boeboeks!
En dat worden we nooit moe!
Haboe! Haboe! Haboe!
Wij zijn Boeboeks! Alle keutels nog aan toe!
En dat worden we nooit moe!
Haboe! Haboe! Haboe! Boe!
Maar als we dit horen,
trillen onze oren,
en gaan we aan het dansen tot het ochtendgloren.
We grijpen onze staart,
draaien in volle vaart,
en zingen onbedaard, onszelf van de kaart.
Haboe! Haboe! Haboe!
Wij zijn Boeboeks! Bolleboze Boeboeks!
En dat worden we nooit moe!
Haboe! Haboe! Haboe!
Wij zijn Boeboeks! Alle keutels nog aan toe!
En dat worden we nooit moe!
Haboe! Haboe! Haboe! Boe!
top

Boeboek-figuren
Pit en Soeza zijn leergierige, bijdehante meisjes Boeboeks, iets knapper dan … de jongens Puf en Piepel. Dat zijn echte waaghalzen, onbezonnen deugnieten, sloddervossen en avonturiers.
Mama Treuzel en Papa Grobbel zijn de ouders van Pit en Puf. Mama Treuzel bakt de heerlijkste zonnebloempitjestaart en maakt de lekkerste braambessenconfituur. Papa Grobbel heeft al veel avonturen meegemaakt met de Rovers en kent het beste hun streken. Net voor het grote Boeboekfeest zijn Mama Treuzel en Papa Grobbel druk bezig met hun hol te versieren.
Opa Kakadoris is de stamvader van de sibbe. Hij is al heel erg oud en wijs. Hij weet heel veel af van geneeskrachtige kruiden en drankjes en woont samen met een hoop kriebelbeestjes onder de Oude Vissershut bij de Lisvijver. Peukel Pad is zijn bovenbuur en naaste vriend. Opa Papaver of de Grote Kakadoris, zoals hij ook wordt genoemd, heeft een heel erg sterk Simpal- en voorgevoel.
Oma Gnolia is de kleindochter van opa Kakadoris en oma van Pit, Puf, Piepel, Soeza en de groeiende tweeling in de buik van moeke Moes. Een stevige oma is ze! Ze drinkt graag een glaasje en vertelt fantastimastische griezelverhalen over Peetieloetie, Takkewijf, Wiezel de Biezegriezel, Molik de Vogelschrik en andere Gruwels. Haar motto is: ‘Indringers geef je best eerst een tik en vraag je dan pas wat ze komen uitspoken.’ Geen dametje om zonder handschoenen aan te pakken. Ze is goeie maatjes met (haar drinkebroer) Opa Brammerd, de opa van Woel en Wommel. Samen maken die twee fuifnummers elk jaar de heerlijkste sapjes van bessen, vlierbloesem, bosaardbeien …
Nonkel Frommel is de broer van Mama Treuzel. Nonkel Frommel zien we niet vaak in het Biezebos omdat hij altijd op reis is. Overal is hij al geweest. Elke keer dat hij terugkomt, is het een groot raadsel welke rare gewoonten hij nu weer meebrengt …
Het Biezebos zit vol dieren waarmee de Boeboeks een sterke band hebben: Tanja de specht, Gilbert de bosmuis, Flup en Floep de eekhoorns, Peukel Pad ...
De Rovers zijn mensen die heel hebzuchtig en egoïstisch zijn. Ze schrikken er niet voor terug om het bos te vernielen om hun buit te binnen te halen. De Rovers hebben dan ook geen oog voor de Boeboeks. Gelukkig bestaan er ook nog mensen die niet denken en handelen zoals de Rovers.
top
